16 oktober 2012

2014


Media en politiek  Anders gelezen
Vanaf nu staat het politiek leven in België in het teken van de verkiezingen van 2014. Na het aperitief dat  weldenkend Vlaanderen zichzelf gunde op 14 oktober 2012, kunnen de verkiezingen in 2014 de epiloog zijn in een verhaal waaraan heel veel Vlamingen meeschreven sinds het ontstaan van België in 1830. Dan komt er een einde aan de schijnbare paradox tussen de Franstaligen die België zien als een mislukking wegens “Ils nous ont pris la Flandre” en de Vlaamse grondstroom die het land steeds meer ervaren als  “een mislukte natie”. Moet dat een onafhankelijk Vlaanderen zijn of een confederaal België bestaande uit autonome deelstaten die op vrijwillige basis samenwerken, is niet aan de orde, vermits De Wever nu reeds heeft aangegeven dat N-VA kiest voor een confederaal model. Alleen vermoed ik dat precies deze discussie het gedroomde onderwerp zal zijn van de B-partijen om hun tegenstander als extremistisch en gevaarlijk voor te stellen. Dat ze daarmee Vlaanderen onrecht aandoen is nooit hun eerste zorg geweest.   
Ter informatie, de verkiezingsresultaten per provincie (in %):
Provincie Antwerpen: N-VA 35,9; CD&V 16,8;  sp.a 12,8
Provincie Limburg: CD&V 27,5;  N-VA 26,1; sp.a – groen 20,1
Provincie Oost-Vlaanderen: N-VA 26,3; CD&V 20,1; Open VLD 19,4
Provincie Vlaams Brabant: N-VA 25,8; CD&V 19,4; Open VLD 16,9
Provincie West-Vlaanderen: CD&V 27,6; N-VA 25,3; sp.a 15,8
Voorrang voor Vlaanderen
In onverdachte tijden (9 juni 2010) publiceerde ik een opstel met als titel “Geef Vlaanderen die 628.564 stemmen terug!”. Dat was het stemmenaantal dat het Vlaams Belang indertijd behaalde en waarmee Vlaanderen niets kon doen. Eén zinnetje hieruit even herhalen: Pas wanneer die 628.564 stemmen wél toegang krijgen tot de machtsuitoefening, desnoods via andere partijen zullen de kansen voor een zelfstandig Vlaanderen niet langer verloren gaan.” Op 14 oktober 2012 zijn een belangrijk deel van die 628.564 kiezers overgestapt naar N-VA en werd duidelijk hoe nuttig deze stemmen zijn om de grondstroom in Vlaanderen te vertalen in politieke macht. Dat er nogal wat zure opmerkingen zijn vanuit de top van het VB is begrijpelijk, maar ik ben overtuigd van het goed gevoel dat die weggelopen kiezers hebben bij het besef dat hun stem zo’n een grote betekenis heeft gekregen. Kan iemand zich voorstellen wat de resterende 10% VB stemmen zouden betekenen voor Vlaanderen in 2014? Wie echt voor Vlaanderen is, geeft voorrang aan Vlaanderen!
Dat de traditionele partijen in een eerste reactie de nieuwe politieke machtsverhoudingen relativeren is begrijpelijk. Maar lang zal dat niet duren want 2014 staat nu wel echt voor de deur. Bart Sturtewagen (dS 16/10) spreekt onomwonden over ontkenning. In zijn boek “De hulpelozen van de macht”, dat net voor de verkiezingen verscheen bij de uitgeverij Pelckmans, ontleedt Jean-Pierre Rondas de oorzaken van de teleurgang van de traditionele partijen. Door de deelname aan een PS- regering onder leiding van Di Rupo hebben zij  hun eigen graf gegraven, zo luidt de conclusie van Rondas. Een ogenopener voor iedereen die verklaringen zoekt voor de problemen van het huidig staatsbestel en een waarachtig citatenboek voor hij/zij die argumenten zoekt om de leugens en verdraaiingen te ontkrachten die de Vlaamse B-partijen blijven opdissen vanuit hun laatste Belgicistische “grand carré”. Opmerkelijk is dat Rondas als progressief lid van de Gravensteengroep zowel sp.a als Open VLD beschouwt als reddeloos verloren en enkel nog hoopt op een koerswijziging bij CD&B om als een herboren CD&V mee gestalte te geven aan een onafwendbare Vlaamse autonomie. 
De talrijke lokale sterkhouders van CD&V deden het al bij al niet zo slecht en dat had ik ook zo voorspeld. Dat ze vanuit hun gekrompen meerderheden toch nog de grootste lokale politieke macht blijven, klopt. Maar ik vermoed dat veel kiezers lokaal veel trouwer zijn dan wanneer het gaat om gewestelijke en federale verkiezingen. De bovenaan geciteerde provinciale resultaten wijzen alvast op de provinciale sprong van N-VA, die nationaal meer “ervaring” kan uitspelen dan op gemeentelijk niveau. Zal de partijtop - met steun van de Belgischgezinde zuilen – in een bui van ontkenning het resultaat toch zien als de bevestiging van hun juiste keuze? Het zijn alvast niet de Franstaligen die hen zullen tegenspreken.
Ondertussen zal het voor de partijtop wel duidelijk zijn dat het CD&B-label weinig perspectief biedt voor de komende federale verkiezingen. De spreidstand tussen  Belgisch handelen en Vlaamse stemmen ronselen wordt alsmaar groter. Ze kunnen evenmin rekenen op gunstiger omstandigheden: het aantal armen en hulpbehoevenden zal in Vlaanderen niet dalen. De vergrijzingkosten, waarvoor nauwelijks provisies werden aangelegd, worden alsmaar groter. Men moet dus geen “madame soleil” zijn om te kunnen voorspellen dat enerzijds de druk op ons sociaal stelsel zal toenemen en anderzijds de bereidheid tot solidariteit met dit potverterend België zal dalen. Vooral in een economische crisistijd kan geen enkel partij nog van de Vlamingen verwachten dat ze het risico willen lopen om als geketenden samen met Franstalig België kopje onder te gaan. De zopas verschenen studie van VIVES waaruit blijkt dat de Vlaams-Waalse transfers in 2007 piekten op 16 miljard euro (zowat 10 % van het Vlaamse BRP), kan men nooit uitgelegd krijgen aan een generatie die steeds minder kan rekenen op de steun van vadertje staat. Los van die pieken, toont een studie van ULG voor het jaar 2007 aan dat het verschil in BRP tussen Vlaanderen en Wallonië nog toeneemt, waardoor de tranfers nog verder zullen stijgen bij een heropleving van de economie. Het resultaat van al die “feiten en cijfers” is dat dit geldverslindend België alsmaar minder sympathiek wordt in Vlaanderen en Wallonië. Voor de enen omdat het teveel kost, voor de anderen omdat het niet genoeg opbrengt en voor beide omdat ze zich tekortgedaan voelen.
2014 wordt ongetwijfeld heel belangrijk voor zowel de V-partij(en) als de B-partijen en de onderlinge strijd zal helaas bitsig zijn. Tegenover een hecht Franstalig Blok wordt het algemeen Vlaams belang niet gediend door een kortzichtige partijpolitieke strijd. Zou het niet getuigen van moed en doorzicht mochten de traditionele partijen hun houding ten aanzien van N-VA herdenken onder het motto: If you can’t beat them, joint them!
Uitspraak van de week
Wie zondag niet gaat stemmen, loopt ondanks de wettelijke stemplicht geen risico op vervolging. Dat liet de woordvoerster van minister van Justitie Annemie Turtelboom (Open VLD) gisteren optekenen in de kranten van SudPresse. Later op de dag verstuurde het kabinet-Turtelboom een nuancerende tweede versie: “Het bericht klopt niet. We denken enkel dat het gerecht andere prioriteiten heeft dan het vervolgen van mensen die niet gaan stemmen.” Anders gelezen: een mooiere illustratie van de hulpeloosheid van deze regering is moeilijk denkbaar.
In LLB waarschuwt Francis Van de Woestyne in zijn editoriaal de Franstalige politici dat de speeltijd over is, want het verkiezingsresultaat zal volgens hem ook in 2014 niet veel verschillen van wat nu gebeurd is. Neen, ze moeten niet ingaan op de vraag van De Wever om het confederalisme vooraf te bespreken, maar ze moeten zich wel voorbereiden om een sterke reactie klaar te hebben.
“Mais le message envoyé par la Flandre est très clair. Et il n’y a pas de raison qu’il soit très différent en juin 2014, lors des élections législatives. Le programme de la N-VA, on le connaît. Il faut donc que les francophones, sans tarder, définissent leur réponse commune. Et qu’ils déterminent, unis, la manière dont ils souhaitent que le pays évolue. Le pays, mais aussi l’espace francophone. L’heure n’est plus aux jeux politiciens, aux postures partisanes. Les partis francophones doivent étudier, sereinement, sérieusement, tous les avenirs possibles. La victoire de Bart De Wever à Anvers ne l’autorise pas à se proclamer informateur du prochain gouvernement fédéral, voire Premier ministre. Non, ce n’est pas aujourd’hui qu’il faut négocier le confédéralisme, comme il le propose. Mais il faut s’y préparer en concevant une riposte forte. »
Pjotr
Anders Gelezen

 

10 oktober 2012

De Knack story


Media en politiek anders gelezen

Genoeg nieuws gehad over de verkiezingen? Ik alvast wel. Laten we het eens hebben over de machtsstrijd bij Knack. Er zijn zo van die goedgelovigen die overtuigd zijn van de eerbare bedoelingen van de media om ons, kijkers en lezers, zo goed mogelijk te informeren. Wie echter na een zware dag nog een beetje kritische zin heeft overgehouden bij het aanzetten van de TV of het lezen van een krant of weekblad, weet wel beter. ’t Is omdat de commercie geen eerlijke journalistiek meer toelaat, kwettert men ten allen kante. Mag ik mij daar eens ferm tegen verzetten, want naar mijn aanvoelen is dat een, minstens ten dele, onterecht argument. Wel gemakkelijk om de doelstelling van de “krantenman” te versluieren en de gestuurde informatie of desinformatie door de redacties te verdoezelen.
De Knack story anders gelezen
Tijdens een lezing over dS verklaarde een voormalig bekend journalist van dS dat krantenmannen - de Leysens en Co - een krant willen om hun mening te kunnen verkondigen. Vroeger was dat zelfs heel duidelijk, maar hoewel het nu minder duidelijk is, blijft de uitspraak van deze prominente ingewijde overeind. Voor Knack was het duidelijk de bedoeling om een hoogstaand Vlaams magazine te maken:  pluriform maar vooral ook Vlaams en die laatste doelstelling werd zo langzamerhand een “unique selling proposition” onder de traditionele Belgischgezinde mediakanalen (zowel TV als gedrukte pers).
Meegezogen in de slipstream van deze maatschappelijke pro-België keuze, ontwikkelden veel journalisten een vorm van autocensuur en verdween de Vlaamse invalshoek langzamerhand. De opkomst van het Vlaams Blok bezorgde hen daarenboven een argument om elke Vlaamse invalshoek af te doen als een blijk van bekrompenheid of erger. Dat ze, ondanks hun progressieve inborst, zelf op de schoot gingen zitten, soms letterlijk, van de oerconservatieve Belgische krachten, werd niet alleen getolereerd maar zelfs aangemoedigd. Ons-kent-ons, is een fenomeen dat nog meer dan in de politieke wereld lucratief is in het “crossmediale” medialandschap. Men zou zich kunnen afvragen of dat “crossmediale” niet door en voor hen is uitgevonden. Het heimelijk huwelijk tussen Belgischgezinde krachten – zowel van links als van rechts - en deze meegaande journalisten hebben de media als vierde macht volkomen ongeloofwaardig gemaakt. Of het nu uit autocensuur is of omwille van een opgelegde redactionele lijn, wat de media aan hun kijkers en lezers nog aanbieden heeft één gemeenschappelijk kenmerk: het mag de politieke machtshebbers (en het Belgisch establishment) niet al te veel pijn doen. En wie dat wel doet, zoals onlangs de twee onderzoeksjournalisten van de VRT, wordt prompt op de vingers getikt.
Dat er in Knack een openlijke oorlog is uitgebroken tussen enerzijds Rik Van Cauwelaert en Koen Meulenaere, die zich verzetten tegen de komst van een nieuwe hoofdredacteur van linkse signatuur, en anderzijds het bestuur, is in menig opzicht verwonderlijk. Voor Van Cauwelaert die – samen met satirist Meulenaere - zowat de enige overgebleven gezagvolle journalist is die zeer kritisch durft te zijn voor de machtshebbers, betekent deze keuze in feite een afkeuring van zijn onafhankelijkheid. Het miskennen van een volgehouden terughoudendheid in zijn relaties met de derde macht. Nochtans weet de lezer maar al te goed dat een journalist die de derde macht kritisch durft te benaderen recht in zijn schoenen moet staan. Het geeft hem of haar een groot aanzien (maar ook het blad waarvoor ze schrijven) en vooral daarom  is Van Cauwelaert zo belangrijk geworden voor zijn lezerspubliek. Verwonderlijk ook dat krantenman Rik De Nolf en de al even overtuigde Vlaming en voorzitter van de raad van bestuur van Roularta, Hugo Vandamme, lieten betijen. Of hadden ze het niet zien aankomen dat Van Cauwelaert zich zou verzetten? Onvoorstelbaar toch, want anders was hij als directeur strategie toch betrokken geweest bij de besluitvorming. Het is veel plausibeler dat hij net omwille van het verwachtte verzet werd genegeerd en dat moet ongetwijfeld hard zijn aangekomen.
Maar is het dan de commercie? De tegenvallende cijfers die het bestuur dwongen om een open breuk met Van Cauwelaert en Meulenaere te riskeren? Het kan zijn, maar dan zullen ze onderhand wel beseffen dat het commercieel gezien een stommiteit was. Na mijn oproep kreeg ik tientallen reacties van lezers die dreigden met of daadwerkelijk hun abonnement opzegden. Ze zullen het ongetwijfeld voelen in hun portemonnee en in West-Vlaanderen zit die heel dicht bij het hart!
In dS online verscheen – als een dief in de nacht – op zondag 7 oktober om 03.00 uur een artikel met als titel: “Lezers volgen boegbeelden in protest tegen nieuwe hoofdredacteur” van Jesse Van Regenmortel. Citaat: “De aanstelling van Jörgen Oosterwaal als hoofdredacteur van Knack blijft voor beroering zorgen. Lezers volgen massaal de twee belangrijkste journalisten van het weekblad in hun protest en zeggen hun abonnement op.” In Roeselare verslikten ze zich ongetwijfeld in hun zondagse brioche met zacht gekookt eitje. Eenmaal goed wakker stond blijkbaar niet alleen de telefoon roodgloeiend en zie, het artikel was opeens verdwenen van de webstek van dS. Het moeten er zoveel geweest zijn dat ook Jos Grobben zich genoodzaakt voelde om  elke opzegger een mailtje te sturen waarin hij de keuze van Oosterwaal als nieuwe hoofdredacteur verdedigt. Citaat “Ik kan u verzekeren dat wij bij zijn aanstelling niet over één nacht ijs zijn gegaan. Uit een grondige selectieproces kwam hij gezien zijn ervaring met het maken van bladen, zijn leidinggevende capaciteiten en zijn pakkende schrijfstijl, als beste naar voren. Ik zou u graag nog een andere overweging meegeven. Van redacteurs en bij uitbreiding hoofdredacteurs van Knack vragen wij niet of ze voor Anderlecht zijn en tegen Standaard, wij vragen hen niet of ze vegetariër zijn of vleeseter, wij vragen hen evenmin of ze Yves Leterme sympathiek vinden of niet. (…) U vreest als lezer dat Knack geen pluriform of onafhankelijk magazine meer zal blijven. U vreest dat wij met letterlijk schatplichtige mensen werken die het magazine een vreemde koers zullen uitsturen. Wij zorgen ervoor dat dit niet zal gebeuren.”
Maar wie is Jos Grobben? De kingmaker van Knack of zoals voormalig hoofdredacteur Karl van den Broeck in De Morgen schreef, de kwade genius die uit persoonlijke rancune Van Cauwelaert buiten wilde en hiervoor gehoor vond bij de nieuwe generatie De Nolf en francofiele schoonfamilie? Zijn de eigenaars en bestuurders de speelbal geworden van een intrigant die net als Oosterwaal van linkse signatuur is?
Hoewel slechts een flauw afkooksel van wat een Bladspiegel is, geeft voormalig hoofdredacteur Knack, Karl van den Broeck niet alleen uiting aan zijn eigen frustratie maar hij vertelt er iets bij dat alvast voor mij heel relevant is. Even meelezen: "Zijn (Grobbens) oude contacten bij zijn rode vrienden in Limburg leveren resultaten op. De provincie Limburg, het wingewest van de Socialistische Mutualiteit, laat de Knack-redactie speciale magazines maken om de troeven van de bronsgroene provincie te bezingen. Het gerinkel van de kassa klinkt Katrien (dochter van Rik De Nolf) en Xavier (de francofiele schoonzoon) als muziek in de oren. Macht komt niet uit de loop van een geweer, zoals Mao vroeger zei. Macht komt van de subsidies van de rode vriendjes van Jos Grobben.”
Deze boute bewering intrigeerde mij zozeer dat ik een mail stuurde naar meneer Grobben met copy voor voorzitter Hugo Vandamme en Karl van den Broeck, om deze bewering te weerleggen of te bevestigen. Als afsluiter liet ik weten dat geen antwoord enkel mijn vermoeden zou versterken dat deze vermelding correct was. In afwachting van een ontkenning ga ik ervan uit dat Grobben inderdaad een socialistische pion is in de strijd om de macht over de media door de socialistische zuil, die wel Vlaamse kiezers heeft maar voorts in ruil voor machtsdeelname voorrang geeft aan de samenwerking met de machtige Franstalige partijgenoten. Deze uitspraak geeft ook aan dat al of niet verdoken sponsoring door de (partij)politieke wereld wel degelijk een factor is in de manier waarop de media omgaan met hun opdracht. Dit is helaas geen alleenstaand geval en al evenmin beperkt tot één traditionele partij, hoewel sommige socialisten het wel heel bont maken in hun machtshonger. Geen zinnig mens die nog gelooft dat dit een uitzondering is en alleen daarom al heeft Rik Van Cauwelaert (die ongetwijfeld van deze ongezonde relaties wist) gelijk om zich te verzetten tegen een hoofdredacteur die eveneens inkomsten puurde uit opdrachten voor socialistische kopstukken; Patrick Janssens en de onvermijdelijke Johan Vande Lanotte. Zou Oosterwaal als hoofdredacteur publicaties toelaten waarin zijn voormalige broodheren door beide journalisten aan de schandpaal worden genageld? Bij de VRT kennen ze alvast het antwoord op die vraag.
Is vernieuwing niet mogelijk met Rik Van Cauwelaert en Koen Meulenaere, zoals een topman beweert? Uit het artikel van Karl van den Broeck weten we alvast dat deze vernieuwing de facto  neerkomt op het opofferen van twee kritische boegbeelden in ruil voor politieke sponsoring. Een kaakslag voor elke rechtgeaarde lezer. Zou het desgevallend niet commercieel beter zijn, maar vooral ook getuigen van moed,  om de foute beslissing toe te geven en ze terug te schroeven? Anders blijft het een onuitwisbare smet op het blazoen van Knack. 
Of is er onder druk van buiten uit afgerekend met de Vlaamse pennen? Laten we niet vergeten dat Roularta ook aanwezig is op de Franse, Brusselse en Waalse markt en dus vanuit die kant wenken kan gekregen hebben om de Vlaamse verzuchtingen minder te steunen? In elk geval met het (tot op vandaag eventueel) verdwijnen van Rik Van Cauwelaert en Koen Meulenaere zijn de enige verliezers de Vlaamsvoelende lezers van Knack, niet de Belgischgezinde. Ik zou in elk geval  de lezers die afhaakten geen eten willen geven. Maar als het een troost kan zijn voor Grobben en Co: er zijn ook lezers die geen hoge pet op hebben van RVC en KM en op de site van Knack schreef een lezer zelfs dat hij Knack kocht omdat hij Focus zo fantastisch vond.  
Uitspraak van de week
Luckas Vander Taelen: Indien de Vlamingen (tijdens de federale onderhandelingen) echt hadden durven pokeren, hadden ze moeten zeggen, on est demandeur de rien, maar, Philippe Moureaux (PS), als jij geld wilt voor Brussel, moet je de boel eerst eens opruimen. Maar wat hebben de Vlamingen gedaan? Ze hebben 500 miljoen euro op tafel gelegd voor de splitsing van BHV. Wat een triomf was me dat, je hebt de explosies van volksvreugde in de Rand kunnen zien.”
Pjotr
Anders Gelezen

02 oktober 2012

Bescheidenheid versus gewichtigdoenerij


 
ANDERS GELEZEN

Er was opnieuw heel veel aanbod in de kranten dat eens anders gelezen mag worden. Twee onderwerpen eruit gepikt: het interview in dS met de politicologen Carl Devos en Dave Sinardet en de toespraken naar aanleiding van de feestdag van de Franse gemeenschap. Verschillende zeer interessante teksten in verband met de toekomstige staatsstructuur werden netjes opgeborgen voor een latere “andere lezing”, na de verkiezingen. Wat beide onderwerpen gemeen hebben? Bescheidenheid versus stoerdoenerij.
Politicologen aan het woord
Alleen al de titel zette de toon: “De andere voorzitters laten zich afslachten”. Opnieuw een interview dat hoofdzakelijk draait rond De Wever versus de traditionele partijvoorzitters. Met zijn openingscollege zet hoogleraar Carl Devos, UGent, meer en meer de toon bij het begin van het politieke jaar. Maar de deelname van alle voorzitters (behalve Bruno Tobback die niet deelnam zonder dat de krant hiervoor enige verklaring gaf) was geen succes. “De inhoudelijke boodschap viel tegen”, aldus organisator Devos. Een introductie hoefde niet maar er was een opmerkelijke inleidende vraag over het advies dat een ratingbureau hen vroeg. De reactie van beide zegt vooral veel over hun verschillende persoonlijkheden: “Dan denk je toch twee keer na voor je iets zegt,” vertelt Dave Sinardet – bewust als hij is van zijn belangrijkheid. “Och ja, ik geloof écht niet dat ze op ons oordeel afgaan. Ik ga daar vooral naartoe omdat ik nieuwsgierig ben. En ik heb goed gegeten,” zegt Carl Devos, met een ontwapenende bescheidenheid. 
Het interview bevat enkele interessante uitspraken over de manier waarop de partijvoorzitters omgaan met de politieke realiteit en zichzelf al of niet verkopen. Maar uiteindelijk draait het om De Wever met – wat had u gedacht – een duidelijk kritischer Sinardet dan Devos. Zo liet Sinardet optekenen dat De Wever niets anders doet dan anderen beschuldigen van intentieprocessen: “De Wever verwijt anderen dat ze zich aan intentieprocessen bezondigen, maar hij doet zelf niets anders. Wie hem kritisch aanpakt, is links of belgicistisch.” Dan denk ik zo bij mezelf: hier verdedigt hij zichzelf, want inderdaad, Sinardet heeft terecht de naam belgicist te zijn. Als lid van de PAVIA groep liet hij geen kans onbenut om te pleiten voor een federale kieskring op maat van de Franstaligen.  Hijzelf blijft dat mordicus ontkennen, bezorgd als hij is om zijn academische geloofwaardigheid. Maar laten we even stilstaan bij die intentieprocessen waarover hij het in het interview heeft. “De Wever is een goede voorzitter en een goede polemist, maar zijn bestuurskwaliteiten heeft hij nog niet kunnen tonen. Ik denk ook niet dat besturen iets is dat hem het meeste interesseert.” Anders gelezen lijkt dat toch heel sterk op een intentieproces. Waarop baseert Sinardet zich om te veronderstellen dat De Wever niet geïnteresseerd is in besturen als hij net daarvoor toegeeft dat hij nog de kans daartoe niet had? Nogal vooringenomen voor een academicus.
Over de journalist van Knack, Stijn Tormans, vond hij wel dat het interview zonder antwoorden niet had moeten gepubliceerd worden – want er worden zoveel interviews geweigerd – maar Tormans een slechte journalist noemen wegens vooringenomenheid, zoals De Wever deed, vind hij onbetamelijk. Is het niet juist een bewijs van moed om journalisten te durven tegenspreken en hun fouten aan de kaak te stellen? Overigens vind ik zelf ook wel dat De Wever er goed aan deed om achteraf op die vragen te antwoorden. Waarom zou kritiek op een journalist onbetamelijk zijn? Zijn de vragen - volgens beide politicologen “pertinente, sterke vragen” - niet evenzeer vatbaar voor een andere lezing? 
Devos wijt het overwicht van De Wever ook aan de zwakte van zijn tegenstanders. Ongetwijfeld klopt dat maar ik had liever gehad dat de interviewer hier dieper op inging. Waarom zijn ze zwak? Is het een persoonlijke tekortkoming of is het gewoon omdat de traditionele partijen geen verhaal meer hebben? Omdat ze zich decennialang – met steun van de onkritische media – te buiten zijn gegaan aan machtsdenken en het voorrang geven aan de eigen partijbelangen? Zij hebben onder druk van de Franstaligen België uitgekleed maar verzuimden het om Vlaanderen als volwaardig alternatief gestalte geven.
Professor Devos heeft het over links-rechts als dé universele ideologische tegenstelling en ik kan daar inkomen. Maar vooraleer in een democratisch proces sprake kan zijn van een strijd tussen ideologieën moet er eerst opnieuw een democratie zijn waarin deze kunnen gedijen zonder inmenging van buitenaf. Hier te lezen als “Di Rupo die terecht ervaren wordt  als de onverkozen buitenstaander/buitenlander.”
Misschien getuigt het van naïviteit maar ik zou het alvast toejuichen mochten beide politicologen eens hun volle aandacht richten op het slecht functioneren van dit België. En jawel, de Vlaamse politici zijn in hetzelfde bedje ziek, want ze hebben het nooit anders geleerd. En ze zijn met handen en voeten gebonden aan hun Belgische partijhoofdkwartieren die slechts node de macht zien verschuiven naar Vlaanderen.
De opmerking van Devos over het veranderend gedrag van De Wever (naar analogie met illustere voorgangers) begrijp ik wel. “Er is iets aan het gebeuren met De Wever. Hij weet dat hoogmoed altijd voor de val komt. En toch kan ik mij niet van de indruk ontdoen dat er iets aan het mislopen is.” Anders gelezen: Een gouden raad van tante Kaat.
 
Vlaanderen, boeman voor la Belgique francophone
dS:  Terwijl Vlaams parlementsvoorzitter Jan Peumans (N-VA) de feestdag van zijn gemeenschap op 11 juli aangreep om de Vlamingen aan te zetten tot meer belangstelling voor Wallonië, gebruikten de Franstalige kopstukken hun feestdag vooral om de Vlamingen te kapittelen. (…) De minister-president van de Franse Gemeenschap, Rudy Demotte (PS), was scherper. Vlaanderen heeft nog altijd niet begrepen dat Brussel een volwaardig derde gewest is, zei hij. Ook hierop reageerde Peumans laconiek. Hij spoorde Demotte aan “de grondwet te lezen.” Demotte haalde uit naar de Vlaamse regering omdat die beroep aantekent telkens de Brusselse regering wil investeren in scholen, kinderopvang en sport. Het Grondwettelijk Hof geeft de Vlamingen gelijk, onder meer nog op 24 mei 2012.
Meteen is alles gezegd: wanneer de Vlamingen hun inspraakrecht in Brussel willen uitoefenen (om misbruiken tegen te gaan) zijn het tegenstanders. “Vlaanderen ondermijnt Brussels beleid” aldus Demotte. Noch gewone wetten noch de grondwet zijn in de ogen van de officiële Waals-Brusselse gezagsdragers een referentie als het hen niet goed uitkomt. Waarom zouden ook de Vlamingen deze intellectuele soepelheid niet opbrengen en wat kordater zijn in plaats van telkens opnieuw te hengelen naar een woordje van sympathie?
Niet alleen de francofone Brusselaars zijn kwaad, ook Guy Van Hengel (Open VLD) volgt de redenering van Demotte en bewijst daarmee de gespletenheid van Open VLD. “N-VA wil een oorlogje voeren met Brussel”, zo klinkt het uit zijn mond. Bij Brussels minister Brigitte Grouwels (CD&V) klinkt het enigszins anders (citaat blog): Maar ook de Franse Gemeenschap moet dringend een versnelling hoger schakelen ten voordele van de Franstalige Brusselaars. Dit blijkt ook uit de begrotingscijfers. Nu al moet het Brussels Hoofdstedelijk Gewest jaarlijks met zo’n 250 miljoen euro bijspringen om de begroting van de Cocof, de Franse Gemeenschapscommissie, te doen kloppen. Het gaat hier om gewestgeld dat oneigenlijk wordt gebruikt voor gemeenschapsbevoegdheden. Geld dus dat niet gebruikt kan worden voor echte gewestbevoegdheden, zoals mobiliteit, werkgelegenheid of woonbeleid. Daarom doe ik een warme oproep aan de Franse Gemeenschap om Brussel op zijn beurt te herfinancieren. De Franstalige Brusselaars hebben immers recht op meer steun vanuit de Franse Gemeenschap. Om de demografische uitdaging met succes te doorstaan, heeft Brussel de steun van de beide grote gemeenschappen in ons land meer dan nodig! Anders gelezen: Waarde mevrouw de minister, denkt u echt dat de Franstaligen rekening zullen houden met uw verzoenende taal? Ongeloofwaardig sinds uw partij zomaar een half miljard euro schonk aan de Brusselse francofonie, waardoor ze nog meer geld zullen gebruiken naar eigen believen. Bent u echt zo naïef om te geloven dat ze de huidige misbruiken zullen stopzetten wanneer ze nog meer geld hebben terwijl de Vlaamse inspraak door het compromis dat ook uw partij goedkeurde, nog kleiner wordt?
Diverse kranten: De Vlamingen hebben een verkeerd beeld van Wallonië en dat is de fout van de Vlaamse media. “Er moet een cel komen die waakt over het beeld dat de Vlaamse media schetsen van Wallonië. Dat vindt Jean-Charles Luperto, voorzitter van het parlement van de Franse Gemeenschap. Het voorstel van N-VA om na de gemeenteraadsverkiezingen institutionele onderhandelingen op te zetten noemde de parlementsvoorzitter in zijn toespraak op het Brusselse stadhuis een "valstrik".
Een vraag: zijn deze uitlatingen een bewijs van het dalend respect van de Franstaligen voor Vlaanderen of is het uit frustratie? Gewichtigdoenerij als camouflage voor de onmacht?
Uitspraak van de week
Sinardet: “Een ding is zeker: het Vlaamse politieke landschap zou er helemaal anders uitzien mocht Karel De Gucht voorzitter worden van Open VLD en Herman Van Rompuy van CD&V. Dat zijn toch staatsmannen naar wie geluisterd wordt.”
Devos: “En op wie gevloekt wordt. Vergeet niet dat De Gucht vroeger ook slaag heeft gekregen van de kiezer.” (nvdr: en dat Van Rompuy nooit veel stemmen haalde).
Pjotr
Anders Gelezen

26 september 2012

De oppositie herbront



MEDIA EN POLITIEK ANDERS GELEZEN

Gezocht: een geloofwaardig verhaal
Wouter Beke, CD&V voorzitter, deed een opmerkelijke en volgens de eigen partijtop moedige uitspraak, door voor de gemeenteraadsverkiezingen reeds een vernieuwingsoperatie aan te kondigen, zodat de partij naar de verkiezingen van 2014 kan met een duidelijker verhaal. Herbronnen is doorgaans een noodzaak voor een partij in de oppositie en niet wanneer men zoals CD&V deelneemt aan de macht. Het lijkt er dus sterk op dat Beke eindelijk inziet dat zijn partij ondanks de regeringsdeelname (of misschien net daardoor) in het verliezende kamp zit en een oppoetsbeurt hoogdringend wordt. Alleen oogt zo’n operatie zo “déjà vu”. Niet dat het veel invloed zal hebben op de gemeentelijke resultaten want daar spelen de sterke lokale steunpilaren een doorslaggevende rol en gelukkig maar voor Wouter Beke.
Hoopgevend maar tegelijk bizar wordt verwezen naar het CVP/CD&V congres in Kortrijk anno 2001 waar het congres zich uitsprak voor het confederalisme als staatstructuur voor de toekomst. Hoopgevend omdat in dat geval een toenadering tot N-VA opnieuw mogelijk wordt, maar bizar omdat precies dit verhaal door de partijtop zelf werd gekelderd in de daaropvolgende jaren en naar mijn aanvoelen oorzaak is van de vlucht van heel wat Vlaamsgezinde kiezers. Die zijn nog niet vergeten dat Yves Leterme ondanks zijn communautair geïnspireerd succes onbekwaam was om de Franstaligen tot toegevingen te bewegen, meer zelfs, uiteindelijk bezweek en koos voor de Zestien (met steun van de ACW-vleugel en het ganse Belgicistisch establishment) en daarmee niet alleen zijn eigen “Vlaamse” geloofwaardigheid verloor.
Het verlies van de Vlaamsgezinden is een bron van zorgen voor de partij, maar ook de rechterzijde wordt door de huidige regeringsdeelname geschoffeerd. In een artikel in De Tijd omschrijft Luc Bertrand, de topman van de investeringsmaatschappij Ackermans & van Haaren, de belastingverhogingen van de regering Di Rupo als “marxisme” (…). ‘De schepen van onze baggeraar DEME werken overal ter wereld. We geven noodgedwongen maaltijden aan onze bemanning. Maar de staat beschouwt dat als een voordeel in natura en heft daarop een belasting van 4 miljoen euro. We zijn aan het overwegen om onze schepen uit te vlaggen.’ Bertrand vindt dat een linkse minderheid haar ideologie oplegt aan een rechtse meerderheid. ‘Wij hebben niet voor dit beleid gestemd. Vlaanderen vertegenwoordigt 60 procent van het land en 70 procent van de Vlamingen stemt rechts.’
Het is evenmin toeval dat een poll onder Vlaamse aannemers (ooit een sterke poot binnen de partij) aangeeft dat er nauwelijks nog 13 % kiezen voor CD&V tegenover 43 % voor N-VA. Het is duidelijk dat deze (belasting)regering geen voldoende draagvlak heeft in Vlaanderen en dat kan men niet veranderen door een vernieuwingscongres maar door rekening te houden met de wensen van de eigen leden en kiezers.

Dat de weliswaar beleefde en charmante vice-premier Steven Vanackere komt vertellen dat hij wel een begroting wou voor de gemeenteraadsverkiezingen maar in de regering geen gelijk kreeg bewijst hoe onmachtig CD&V is binnen deze door de Franstalige minderheid gedomineerde regering. De kritiek van Vlaams minister-president Peeters op de federale regering bewijst meteen ook hoe afhankelijk Vlaanderen blijft van diezelfde instantie. Ook dat kan niet veranderen door een vernieuwingsproces.


Enerzijds, anderzijds
Waar de C, D en V voor staan werd er de laatste jaren niet duidelijker op, integendeel. Van daar dat het wellicht niet slecht zou zijn om de partij-ideologie niet meer op te hangen aan deze versleten kapstokken. Maar is “enerzijds, anderzijds” een beter recept om duidelijker te worden? Misschien wel, maar dan moet men de moed hebben om deze redenering volledig door te trekken. Zegekreten omwille van de splitsing van BHV enerzijds maar anderzijds elke verwijzing naar de veel te hoge prijs hooghartig naast zich neerleggen, getuigt niet van een relativerende redelijkheid, integendeel. Enerzijds, anderzijds mag dan wel een geruststellende nuancering zijn, als symbool voor de besluitvaardigheid is het maar niks. Rustige vastheid? Precies dat is wat velen CD&V kwalijk nemen: dat de partij nergens nog voor staat en altijd maar schippert tussen België en Vlaanderen, tussen sociale en economische argumenten, tussen gedogen en een goed begrepen tolerantie, tussen belastingen en besparingen. En uiteindelijk zich altijd opnieuw laat ringeloren – om de lieve Belgische vrede – door een politieke minderheid waarvan ik steeds meer de indruk krijg dat deze (Franstalige partijen) uitvoering geven aan een egoïstische gemeenschapsgebonden agenda waarbij Vlaanderen moet verarmen zodat het niet meer in staat is om nog eisen te stellen. Dat daarbij heel België kapseist zal hen een zorg wezen; CD&V in een suïcidaal verhaal? Après nous le déluge.
In dS reageerde een lezer (Koen S.) als volgt: Met alle respect voor iedereen zijn overtuiging en opvoeding, maar hoe lang gaan we ons nog laten bedotten, voorliegen door de CD&V en bij uitbreiding alle traditionele partijen? (…) België is een land dat aan elkaar hangt met compromissen. Akkoord dat je niet alles kan krijgen, maar zou het werkelijk zo een groot verlies zijn indien iedere regio zijn verantwoordelijkheid zou mogen krijgen en naar eigen inzichten, maar belangrijker nog, volgens eigen culturele waarden en normen eigen beslissingen nemen? Je kan er gewoonweg niet om heen dat als alles een compromis is, niets nog inhoud heeft en dat de verschillen zo groot zijn dat er nog weinig te verzoenen valt.
Een andere lezer (F. Dubois) schreef het zo (en kreeg hiervoor de steun van maar liefst 340 pro-stemmers; wellicht een record): CD&V had een programma, goedgekeurd door haar eigen leden, eigen congres en voorgelegd aan de kiezer: Vlaams en confederalistisch. Alles zou naar de deelstaten gaan en zij zouden autonoom beslissen wat ze nog samen zouden doen. Na de verkiezingen gooiden Wouter en co hun programma in de vuilbak, verkochten hun ziel voor het Arko smeergeld, zadelde ons op met 74 miljard euro garanties en zorgde voor een grote doofpot door het weigeren van een echte onderzoekscommissie en we kregen een Vlaamse minderheidsregering zonder enige Vlaamse legitimiteit. Vanackere, goed voor 18.000 stemmen, werd vice-premier en Dewever, goed voor 800.000 stemmen werd gewipt. De CDV gaat electoraal zwaar betalen en daar kan geen enkele naamsverandering of herbronning iets aan veranderen. (…) Het is niet omdat je de mensen voor dommeriken neemt, dat ze ook dommeriken zijn.
 
Zie: zij doen het nog altijd!
Dat ondertussen de partijpolitieke belangen verder door de regeringspartijen vertaald worden in postjes voor de eigen achterban en een PS-vriendschap volstaat om een voorkeurbehandeling te krijgen haalt nauwelijks de Vlaamse kwaliteitskranten. Verwacht het onverwachte, maar niet dat men de uitwassen van de Belgische ziekte aan de kaak zou stellen. In een ongemeen strenge maar heel terechte kritiek heeft Rik Van Cauwelaert (Knack) het over het vervroegd pensioen van gewezen ambassadeur Pierre-Dominique Schmidt, nochtans veroordeeld wegens valsheid in geschrifte en cocaïnebezit en -gebruik. Zijn conclusie: kennelijk zijn sommige Belgen gelijker voor de wet, zeker als ze PS-bescherming genieten. Wie herinnert zich in dat verband nog dS waar Mia Doornaert, zelf graag geziene gaste in de Belgische ambassade te Parijs, Schmidt verdedigde en dS op de voorpagina (29 sep 2007) blokletterde: ”Ambassadeur Schmidt verlaat Parijs definitief”. Op eigen verzoek zo liet ze weten. Alleen het woord “omstreden” in de subtitel deed vermoeden dat er iets aan de hand was. Wat een verschil met de behandeling door dS van de directeur van het Vlaams Huis in New York (zie dS 31 aug 2009 en volgende). Eveneens graag geziene gast in de Parijse ambassade: kunstpaus Wim Delvoye. Meteen wordt duidelijk waarom deze zo denigrerend doet over zijn eigen Vlaamse gemeenschap en het jammer vindt dat wij niet allemaal Frans spreken. Ondertussen is het ook voor vakbondstopmannen niet ongebruikelijk om te gaan spelevaren aan de Azurenkust op uitnodiging van Albert Frère. Neen, beste lezers, denk niet dat de “verdedigers van de kleine man” afkerig zijn van het grootkapitaal.
 
Uitspraak van de week:
Leo , Neels, Media-en Communicatierecht Leuven en UAntwerpen (over het gebruik van het woord allochtoon) Maar om woorden vrij en goed te kunnen kiezen, moeten ze wel bestaan, daarin zit het zwaktebod van de hoofdredactie van DM: voor pennenridders is vermijding van discriminatie een nobel doel, en het weglaten van woorden een verkeerd middel.
Bart Brinckman in dS: “Het blijft dan ook een raadsel waarom een Open VLD-kopstuk zoals Guy Verhofstadt de partij van De Wever steeds opnieuw in extreemrechtse hoek plaatst. Het nationalisme veroordelen omdat er racistische uitwassen bestaan, blijft intellectueel even bekrompen als het afwijzen van seks omdat pornografie en verkrachting een realiteit vormen.”
Pjotr
Anders Gelezen