15 februari 2014

Over een Brussels kieken en een Waalse windhaan




MEDIA EN POLITIEK – ANDERS GELEZEN


 

Als inleiding verwijs ik graag naar een reeks over mediakritiek door gewezen hoofdredacteur Eddy Daniels op De Bron. Doorgeprikt staat netjes.

 

 

Brusselaar ontdekt de Vlaamse kiezer

 

Op de webstek dewereldmorgen.be is een opinie te lezen van Mohamed El Khalfioui. Hij pleit voor een referendum over Vlaamse onafhankelijkheid. Want, zo schrijft hij, al die staatshervormingen werden in achterkamertjes beslist en dat is niet democratisch. Zijn conclusie is duidelijk: hier in België gelooft men niet in het laatste woord van de kiezer.
 
Wat hem dwars zit is dat de Vlaams-nationalisten geen rekening houden met de mening van de inwoners van het quote Brussels gewest unquote. “Toch blijven zowel het VB als N-VA aanspraak maken op het Brussels gewest als een deel van Vlaanderen. Daar wringt het schoentje bij het Vlaams Belang en de N-VA: de eerste partij gelooft dat Brussel de hoofdstad zal worden van een onafhankelijk Vlaanderen en de tweede gelooft dat Brussel een gedeelde hoofdstad zal zijn van onafhankelijk Vlaanderen en Wallonië. Beide standpunten weerspiegelen geen enkel realiteitsbesef.”
 
Deze uitspraak – Brussels gewest – is bijzonder veelzeggend. Dat Brussel de hoofdstad is van álle Belgen en Brussel een ‘Hoofdstedelijk’ gewest is, krijgt El Khalfioui net als de Francofonie zelfs niet meer over zijn lippen. Vlaanderen is het buitenland. Men zou dus denken dat hij ook fulmineert tegen de de facto oprichting van een Féderation Wallo-Brux. Hierover werd evenmin de mening van de Brusselaar gevraagd. Niet dus, hoewel hij alvast zou mogen weten dat in dit Francofoon project,  de Brusselse Vlamingen het statuut van allochtonen krijgen; een hooguit tijdelijk ‘beschermde minderheid’. 
 
Zijn realiteitsbesef is in elk geval veel groter dan dat van het VB en N-VA, zo blijkt: “De Brusselaars willen onafhankelijk worden als België ophoudt te bestaan.”

 

 

Windhaan Di Rupo

 

De laatste tijd mogen we ons verheugen over heel veel belangstelling van PS’er Di Rupo voor Vlaanderen. Hij zou zelfs graag opkomen in Vlaanderen. Zijn populariteit in recente polls stijgt hem blijkbaar naar het hoofd.
 
Helaas zit er weinig consistentie in zijn houding. Dat konden we lezen in een bijdrage van professor Hendrik Vuye, nu kandidaat voor N-VA, gepubliceerd in Knack en overgenomen in enkele kranten. Zijn onderzoek laat geen twijfel bestaan over de wispelturigheid van Di Rupo en de PS. Het volstaat om het officieel verslag (hier, blz 17 ev) van zijn maidenspeech in de Kamer van Volksvertegenwoordigers te lezen.
 
Een citaat uit de speech: “'Het samengaan van Vlamingen en Walen, artificieel gerealiseerd in 1831, is na verloop van tijd een heterocliet geheel gebleken, zelfs een explosief geheel. Het is volstrekt nutteloos om het behoud van die eenheid na te streven.
Daarentegen zal de oprichting van een evenwichtig en stabiel federaal of confederaal België beantwoorden aan de verzuchtingen van beide gemeenschappen. Elkeen zal op die manier op een efficiënte wijze voordeel halen uit de culturele en economische verschillen.'
 
Vuye besluit: « Elio Di Rupo, Belgicist 'pour les besoins de la cause socialiste'. De man die nu steevast met een Belgische pin rondloopt en die overal rondbazuint dat België hem alles heeft gegeven. Se non è vero, è ben trovato! En toch schrijven vele opiniemakers dat er met de PS nooit sprake zal zijn van confederalisme. Ze vergeten één ding. De PS is een absolute machtspartij. Indien het de PS goed uitkomt is de PS Belgisch, indien het nog beter uitkomt is de PS wel degelijk confederalistisch. Zelfs Elio Di Rupo!” (nvdr: een hele tijd geleden schreef ook Moureaux in Knack  dat confederalisme de enige mogelijke oplossing was voor het behoud van België). 
 
Windhaan Di Rupo die als eerste het confederaal model bepleit in 1988, voldoet in elk geval om - zonder vooronderzoek - te kunnen aansluiten bij de huidige N-VA. Wanneer hij in Vlaanderen wil opkomen hoeft hij alvast geen eigen partij meer op te richten.
Wel opmerkelijk is dat hij met dergelijke speech weg kwam zonder een reprimande. Wat een verschil met Luc Van den Brande (CD&V) die jaren later (1993) iets gelijkaardigs durfde zeggen en het meteen mocht gaan uitleggen bij koning Boudewijn. Vlamingen zijn blijkbaar al heel lang gevaarlijk voor het Belgisch establishment, het Hof voorop.

Zopas gaf Di Rupo nog een staaltje van zijn ‘wispelturigheid’. In enkele kranten verklaart hij waarom hij weigert het debat aan te gaan met Bart De Wever: “Zo'n debat zou overkomen alsof Bart en ik in competitie zijn voor iets, voor een bepaalde functie (lees het premierschap). Quod non. Het debat moet gaan tussen de partijen en hun voorzitters.”  Toch wel bizar dat hij tegelijk pleit voor een federale kieskring waar hij dan wel de tegenstander zou zijn van De Wever. Mijn conclusie is alvast duidelijk: aan windhanen in Vlaanderen is er geen gebrek. Daar hoeft geen Waalse meer bij te komen.


 

Algemeen Nederlands is van ons


In DS (12/02) pleit schrijver Marc Reugebrink ervoor om het ‘Algemeen Nederlands’ te veroveren op de Hollander die zijn alleenrecht laat gelden. Zijn overtuiging klinkt alvast heel assertief Hollands: “Of dacht u dat Algemeen Nederlands boven de Moerdijk wel door alle tv-presentatoren gesproken wordt?  Daar is het minder erg, zo lijkt het. ‘Hun hebben beter gespeeld’, zegt de gemiddelde voetballer, en hij weet heus wel dat ‘hun’ verkeerd is; het moet ‘hullie’ zijn. ‘Knuffelmarokkaan’ Ali B — recentelijk nog te gast in Café Corsari — moet zijn eerste zin in het AN nog uitspreken. Marco Borsato kan er ook niet veel van. Sowieso hebben alle Amsterdammers een spraakgebrek. En een gehoorprobleem. Een Vlaamse toerist die zijn stinkende best doet er in het AN een Hollandse Nieuwe te bestellen, krijgt antwoord in het Engels en kan naar zijn haring fluiten. Een Groninger overleeft het binnen de Amsterdamse grachtengordel ook niet zonder ondertiteling.”
Een vingerwijzing die ik wel kan smaken: “Het AN behoort blijkbaar aan de Hollanders, en er zijn helaas nog veel te veel Vlamingen die zich daarbij neerleggen en zelfs aan zelfkastijding doen. In plaats van de breedte van onze taal te verdedigen, waarin een venster, een raam en zelfs een vensterraam of glasraam het uitzicht op onze wereld zoveel groter maken. Ik bepleit hier dus niet dat de Vlaming het AN moet loslaten; hij moet het veeleer veroveren op de Hollander die zijn alleenrecht laat gelden. Als we willen dat het Nederlands voor Nederland én Vlaanderen als standaardtaal behouden blijft, dan wordt het tijd dat men ook boven de Moerdijk eens de handen uit de mouwen steekt en leert luisteren naar hoe (wel degelijk ook) hun eigen taal hier klinkt. Voor de duidelijkheid: ik heb het dan niet over de talloze dialecten; ik heb het over ‘Belg. N.’, dat gewoon Nederlands is."

 

 

 

Citaten van de week

 

Rik Van Cauwelaert in DT 15/02: “Tobback gooit rode kabouter in kiesstrijd. Het was de opmerkelijke titel boven een achtergrondstuk op de website van De Tijd. Een rode kabouter die de middenvinger opsteekt naar de gele N-VA-kabouters, het lijkt zowat de laatste toevlucht van de sp.a van voorzitter Bruno Tobback. … Neem nu de groene-energiepolitiek, destijds het pronkstuk in de trofeeënkast van überstrateeg Steve Stevaert, toen die nog God was. Vandaag heeft de elektriciteitsdistributeur Eandis alleen al voor goed 380 miljoen euro groenestroom- en warmtekrachtcertificaten in portefeuille. … De netbeheerders moeten dat papier opkopen en opslaan bij gebrek aan markt voor de groenestroomcertificaten. Die is immers volledig ingestort en dus is dat waardepapier onverkoopbaar. Met als gevolg dat de Vlaamse regering binnenkort verplicht wordt een groot deel zelf op te kopen.
Maar u mag er gif op innemen dat het grootste deel bij de eerstvolgende aanpassing van de elektriciteitsprijs wordt doorgerekend aan de consument. Die is de uiteindelijke dupe van de illusiehandel destijds mee georganiseerd door de groenestroomkabouters rond Steve Stevaert en zijn gulle opvolgers. … Omdat het weinig waarschijnlijk is dat Eandis en Infrax hun certificaten op de markt kunnen slijten, houden insiders er rekening mee dat dat bedrag tegen eind 2015 kan oplopen tot 1,1 miljard euro.
In december onthulde De Tijd dat de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV) het totaal van de prijs van de certificaten, die de energieleveranciers en de netbeheerders samen in portefeuille houden, op bijna 2 miljard euro raamt. De miljardenfactuur van de groenestroomcertificaten, die krijgt u na de volgende verkiezing in de bus. Er zijn nog zekerheden."
 
Jan Callebaut in Knack: “Bart De Wever is sinds 2007 enorm gerijpt als politicus. Hij begrijpt dat macht uitoefenen belangrijker is dan gelijk hebben.”
 
Mia Doornaert in DS (over mensenrechten naar aanleiding van de Olympische winterspelen): Degenen die aanvoeren dat vrijheid de stabiliteit en vooruitgang belemmert en dat ze opgedrongen wordt door de buitenwereld en niet gewild wordt door de eigen bevolking, zijn altijd degenen die daar belang bij hebben, schreef Annan. ‘Dat argument wordt nooit aangevoerd door bevolkingen maar door regeringen; nooit door de machtelozen maar door de machthebbers; nooit door de mensen zonder stem maar door degenen wier stem de enige is die gehoord mag worden.’
 
Daniël Termont (meerdere media): “‘Als de N-VA de meerderheid heeft, dan pak ik mijn valies”. Waarop een lezer reageerde met “We zullen je missen Daniël”.
Nog eentje van Termont:In mijn stad zijn er veel mensen die overdag niet weten waar ze de nacht zullen doorbrengen. Ze weten zelfs niet wat ze straks zullen eten. Maar ze horen dan wel dat anderen 650.000 euro niet genoeg vinden. Ik denk dan: er is nog véél te herverdelen in deze samenleving.” Anders gelezen, hoe kan dat nu na 25 jaar socialistisch beleid in Gent? Het zijn die Roma’s verdomme (zegt hij zelf).
 
Pjotr

06 februari 2014

Democratie of bestuurskracht


MEDIA EN POLITIEK -  ANDERS GELEZEN


 

 

Anders gelezen probeert op een bondige manier relevante informatie over de media en de politieke wereld te verspreiden. Aanzetten tot nadenken of zoals het bij De Bron heet, een bron van inspiratie zijn voor geïnteresseerde lezers.
 
Ditmaal een kort stukje over de oneerlijke kieswetgeving. Meer bepaald de manier waarop de parlementaire zetels verdeeld worden.
 
Wie het debat over de parlementaire zetelverdeling wil openen krijgt meteen de wind van voren. Wereldvreemd, zo reageerde iemand. En wat zijn de praktische gevolgen van het alternatief, vreesde een ander. Het zal toch niet lukken, schreef de realist. Inderdaad er zijn veel redenen om het onrecht te laten voortduren. Dan maar Don Quichot achterna? Noem het liever een democratische aanval op de particratie.

 

 

Bestuurskracht versus het gelijkheidsbeginsel

 

Er zijn grosso modo twee strekkingen inzake de organisatie van verkiezingen en meer bepaald voor het verdelen van de parlementaire macht. Eén strekking wil vooral de bestuurskracht verhogen terwijl een andere strekking vooral een zo democratisch mogelijke vertegenwoordiging nastreeft.
 
Tweedeling via ‘winners takes it all’
 
In het Britse systeem dat behoort tot de eerste strekking geldt het principe ‘winner takes it all’. Zo kan het zijn dat een verkozene slechts 50% plus één van de kiezers vertegenwoordigt. Zoals elk systeem voor- en nadelen heeft valt het hier wel op dat heel veel kiezers eigenlijk in de kou blijven staan. Deze oplossing kan leiden tot een tweedeling van de bevolking. Regeren zonder compromissen is aanlokkelijk, maar of het tot beter bestuur leidt is niet zo duidelijk.
 
Wanneer deze tweedeling van de macht dan nog asymmetrisch is zoals momenteel in de VS waar de president en het parlement niet tot dezelfde politieke familie behoren, dreigt complete stilstand en zelfs het terugdraaien van genomen beslissingen. Dergelijke blokkering is ook mogelijk in landen met een ander systeem; schoolvoorbeeld hiervan is ons eigen land, België.  
 
De Belgische methode
 
Met een zetelverdeling volgens de methode Imperiali of de methode D’Hondt (die in België toegepast wordt) is de bevoordeling van de grootste partijen minder uitgesproken maar nog altijd groot zoals blijkt uit ons summier onderzoek.
 
De wetgeving inzake de organisatie van de verkiezingen en de zetelverdeling berust op regels waarvan er minsten drie  onrechtvaardig zijn en vatbaar voor een herziening.
 

1. De zetelverdeling schendt het gelijkheidsbeginsel. Niet elke stem is evenveel waard.

De PS had bij voorbeeld voor de verkiezingen in 2010 voor de Kamer slechts 34.405 stemmen nodig voor één zetel, terwijl de Franstalige partijen R.W.F en WALLONIE D’ABORD respectievelijk 35.743 en 36.642 stemmen behaalden maar toch geen zetel kregen. Met een verdelingsbasis die voor elke partij geldig is zou bij voorbeeld in 2010 de PS zes zetels minder hebben dan met de huidige methode D’Hondt. 

2. De herverdeling van de stemmen van partijen die de kiesdrempel niet haalden, over de partijen die wel vertegenwoordigd zijn in het parlement is een onterechte recuperatie waarbij de keuze van de kiezer niet wordt gerespecteerd.

Door deze partijen zelf te laten beslissen wat er met hun stemmen gebeurt, vermijd men deze oneerlijke recuperatie.

3. De kieswetgeving verplicht elke stemgerechtigde om deel te nemen aan de verkiezingen. Wie deelneemt en toch een blanco-stem uitbrengt heeft wel degelijk een politieke keuze gemaakt. Bij de verdeling van de zetels worden deze stemmen nochtans bestempeld als “ongeldig” en dus niet bestaande.

Wanneer blanco-stemmen wel meetellen en resulteren in ingenomen ‘lege zetels’, zorgen ze niet alleen voor een besparing maar beïnvloeden ze ook de benodigde zetels voor een meerderheid. 

 
Met het voorgestelde alternatief streven we naar een democratischer zetelverdeling, waarbij elke stem evenveel waard is. Het levert niet noodzakelijk minder bestuurskracht op, maar bant wel de huidige ondemocratische scheeftrekkingen. Het aangeboden alternatief kan de geloofwaardigheid van het parlement en de politiek in het algemeen ten goede komen.
 
Wie hierover meer wil lezen kan dat door hier te klikken


 

Democratie is te belangrijk om ze over te laten aan politieke partijen.

 

 

Citaten van de week
 
 
LLB edito Francis Van de Woestyne over het N-VA congres: Le nationalisme est-il de cette veine ? Dans certains pays, le nationalisme est la valeur qui rassemble les citoyens derrière le même drapeau. Mais ici, en Europe, le nationalisme a conduit à l’exclusion, à la guerre. Le nationalisme, à la sauce N-VA, contient les mêmes gènes, ceux de la division. Exemple. Dimanche, à Anvers, les congressistes se sont échauffés autour d’une idée - finalement rejetée - mais au départ très applaudie. Elle proposait de faire de Bruxelles une ville exclusivement… flamande. Voilà ce qu’est le nationalisme de la N-VA : une idéologie basée sur le rejet, voire la haine. Le 25 mai, les Flamands - et eux seuls - voteront en toute connaissance de cause. Soit ils se laisseront séduire par le vernis libéral de la N-VA, soit ils oseront gratter ce vernis pour découvrir le vrai visage des nationalistes. Anders gelezen weten wij wel beter : het zijn de Franstaligen die van Brussel niet alleen een exclusieve Franstalige stad willen maken maar daarenboven de hoofdstad willen kapen binnen hun Fédération Wallo-Brux. Van de Woestyne is ook niet van de eerste leugen doodgegaan.
 
Bart Sturtewagen in DS 6/02): Wie heeft de bevolking dan het meest geschoffeerd? Degenen die met open vizier exorbitante lonen bepleiten of degenen die ze op het publieke forum bestrijden, maar in achterkamertjes stilletjes toelaten? Als de balans in een richting moet overslaan, dan toch in die van de hypocrisie?
Op het bedriegen van de bevolking moet een sanctie staan. Vorig jaar hield minister van Financiën Steven Vanackere de eer aan zichzelf. Hij had, naar eigen zeggen te goeder trouw, onzorgvuldig gecommuniceerd over een eeuwigdurende lening van het ACW aan Belfius. De rentevergoeding die in het contract voorkwam, was misschien marktconform, maar ze was hoger dan de minister had gezegd. Het verschil stond op een ander papier dan datgene waarmee de minister had gezwaaid. Wat hij had gezegd, strookte niet met de waarheid. Dat viel niet goed te praten. Zijn ontslag was dus terecht.
Dit keer is het aanzienlijk erger. Minister Jean-Pascal Labille die verantwoordelijk is voor het bedrog, geeft zonder meer toe dat hij daar van meet af aan op de hoogte was. Er is geen enkele reden waarom de sanctie voor hem minder zwaar zou moeten zijn.
 
DS 6/02 (overgenomen tekst zonder bronvermelding; sic): Niet de Amerikaanse NSA maar de Nederlandse inlichtingendiensten AIVD en MIVD hebben 1,8 miljoen gegevens over telefoongesprekken in Nederland geregistreerd. Dat heeft minister van Binnenlandse Zaken Ronald Plasterk gisteren laten weten. Vorig jaar liet hij nog uitschijnen dat de NSA erachter zat. Plasterk (PvdA) zal volgende week dinsdag in het parlement aan de tand gevoeld worden over de zaak. Hij zal moeten uitleggen waarom hij de Eerste Kamer niet eerder meldde hoe de vork aan de steel zat. Anders gelezen, hoe zou dat in België zitten?

 

Pjotr

29 januari 2014

Vlamingen, ze zijn zo lief meneer


 


MEDIA EN POLITIEK  ANDERS GELEZEN

 

 
Berouw komt ook voor CD&V na de zonde

Een CD&V-verkozene erkent dat de zesde staatshervorming nefast is voor de Brusselse Vlamingen. Pijnlijk voor CD&V die de splitsing van BHV als een overwinning wil verkopen. ‘Gelukkig’ dat onze kwaliteitsmedia deze kritiek negeren.
Nadat onder leiding van de CVP de Vlaamse meerderheid te grabbel werd gegooid in de jaren zeventig, zorgden de Vlaamse partijen die de zesde staatshervorming erdoor duwden in 2013 ervoor dat de Vlamingen in Brussel zelfs geen gelijkwaardige burgers meer zijn.


Brusselse Vlamingen in de kou


In een artikel gepubliceerd door de Gravensteengroep, komt Brussels CD&V-lid Guido Ghekiere tot een verlaat inzicht. De regeringsakkoorden die zijn partij mee gestemd heeft zijn niet enkel slecht voor de Brusselse Vlamingen, ze doorbreken het institutioneel evenwicht. Brussel zelf weigert nog langer het cement te zijn dat België moet bijeenhouden.
Ghekiere, echtgenoot van Brussels CD&V-minister Brigitte Grouwels, verwijst onder meer naar een document over de inzet van de verkiezingen in 2014, uitgegeven door het CRISP en waarin wél aandacht wordt besteed aan de internationale rol van Brussel, maar dat volledig voorbijgaat aan de grondwettelijke tweetaligheid en de grondwettelijke hoofdstedelijkheid van het Brussels Gewest.”
Ghekiere’s conclusie laat aan duidelijkheid niets te wensen over: Dit ‘geheugen-falen’ weerspiegelt een bepaalde Franstalige ingesteldheid tegenover de rol van Brussel, inzonderheid diens functie in de institutionele toekomst van België. Franstalig Brussel én België vertrekken niet meer van de verbindende rol van Brussel als federale hoofdstad, maar wel van een Brussel dat dient geïntegreerd in Wallo-Brux, zoals door de Franstalige partijvoorzitters gesteld werd in het Sainte-Emilie-akkoord. 
Dit mentale proces werd reeds ingezet in 1963, waar men zich had voorgenomen om de taalwetgeving in Brussel nooit correct toe te passen. Dit resulteert vandaag in een Brusselse burger die tweetalig moet zijn terwijl de gemeentelijke ambtenaar, ocmw-verpleegster, politieagent en andere ambtenaren het mogen houden bij eentaligheid. Het Belgisch model was gebaseerd op de gelijkheid van de gemeenschappen zowel in Brussel als in België. Franstalig België verlaat dit model.”


Franstaligen doorbreken evenwicht


Dat het doorbreken van de gelijkheid van de Vlaamse en Franstalige gemeenschappen, notabene een hoeksteen van het institutioneel evenwicht, zelfs niet ter sprake komt in de traditionele media, roept grote vraagtekens op. Is het een gebrek aan politiek doorzicht, of is het een onwelkome waarheid?
Laten we aannemen dat het geen gebrek aan doorzicht is, dan is de vrees groot dat de kiezers tijdens de komende verkiezingsperiode evenmin álle informatie zullen krijgen die nodig is om zich een goed beeld te kunnen vormen van de partijpolitieke standpunten.
Het is normaal dat politieke partijen alles uit de kast halen om het kiesvolk voor zich te winnen. Marc Eyskens vond volksverlakkerij zelfs noodzakelijk omdat verkiezingsbeloften nu eenmaal hinderlijk worden de dag na de verkiezingen.
Precies daarom is het de rol van opiniemakers en journalisten om die leugens en halve waarheden te doorprikken. Of behoort het misschien tot hun taak om de kiezer vooral niet te informeren?
In Knack online (31/01) zegt politoloog Carl Devos over de N-VA-boodschap dat het goed klinkt, ‘de kiezer beslist’. Maar wat beslist hij eigenlijk, vraagt hij zich terecht af. Inderdaad, na de verkiezingen blijft er van de slogans nog weinig over. Hij geeft wel toe dat die kritieken tegenover N-VA ook van toepassing zijn op andere partijen. “Ze houden allemaal tweeslachtige discours om hun strategie tegenover het Vlaamse kiespubliek te maximaliseren."
Gevraagd naar zijn mening omtrent de conclusie van CD&V’er Ghekiere kreeg ik volgend antwoord: “Gelet op het belang en de gevoeligheid verdient deze kwestie een grondige beschouwing. Wellicht zal die in de komende maanden van pas komen, maar op dit moment is die niet klaar. Ik heb eerder al geschreven dat de koppeling van het Brussels Gewest aan de Franse Gemeenschap in de zgn. Fédération geen goede zaak is voor het federaal België. Indien de Franstaligen willen uitgaan van de drieledigheid, moeten ze de autonomie daarvan respecteren, en dus niet vooropstellen dat het Brussels en Waals beleid identiek moet zijn, omdat het gelijk moet zijn voor alle Franstaligen in dit land. De bijzondere positie van Brussel genereert niet enkel rechten, bv. qua financiering, maar ook plichten, bv. qua respect voor de taalminderheid.”
Zijn reactie maakt alvast duidelijk dat het ook voor politologen ‘op eieren lopen’ is. Om vooral niemand voor het hoofd te stoten. Toch teleurstellend dat de waarheid nog even moet wachten.


Houtwormen aan het werk


Ondertussen ben ik wel benieuwd hoe CD&V met deze onwelkome waarheid zal omgaan in de komende weken. CD&V voorzitter Wouter Beke liet eerder al weten dat hij de prijs voor de splitsing aanvaardbaar vond. En dan hebben we het nog niet over de ongelijkheid die de 'partiële splitsing en ontdubbeling' van het gerechtelijke arrondissement veroorzaakt.
Bij dit alles sta ik versteld van de lankmoedigheid bij de Nederlandstalige Belgicisten. Dat Franstaligen het Belgisch institutioneel kader ondergraven, zal voor Vlaams-nationalisten helemaal geen reden zijn om op de barricaden te gaan staan, integendeel. Maar ook de Belgischgezinde lobbygroepen laten het allemaal over zich heen gaan. Deze passiviteit staat in schril contrast met hun soms virulente afkeer voor de Vlaams eisen. Het is klaarblijkelijk gemakkelijker anti-Vlaams dan pro-Belgisch te zijn. Iedereen legt zich erbij neer dat de houtwormen (‘merules’ dixit Laurette Onckelinckx) hun sloopwerk verder doen. 



‘Zwarte’ Vlamingen ware duidelijker


 

Ieder weldenkende Vlaming zal zich al eens afgevraagd hebben hoe het komt dat de Vlaamse media zo verlekkerd zijn op Franstaligen die zich laten verleiden tot anti-Vlaamse uitspraken. Daarentegen zal bij de Franstaligen zelden de vraag opkomen waarom de Franstalige media veel minder snel bereid zijn om Vlamingen te citeren die iets negatief durven zeggen over hun gemeenschap. Deze tegenstelling illustreert zeer goed de verschillende mentaliteit tussen de Vlaamse en Franstalige media.
 
Een lezer schreef hierover het volgende: “De opmerking dat de Franstaligen al te gemakkelijk een Vlaams forum aangeboden krijgen om hun (bij wijlen rabiate) opvattingen uiteen te zetten is natuurlijk heel terecht. Ik zou het ook masochisme noemen. Heeft zich ook al eens iemand afgevraagd hoe dat komt? Ik denk dat ik het weet.
 
Onze zogenaamde ‘intelligentsia’, ook wel eens een beetje hoogdravend ‘culturele elite’ genoemd, is in feite geen duit anders dan de gewichtige Vlaamse madammen die een goede halve eeuw geleden onder een dikke laag plaaster (vergoelijkend maquillage genoemd) verstopt, op de Antwerpse Meir in schabouwelijk Frans hun thé kwamen drinken. Zo zijn we. We kunnen gewoon niet anders. Ook Hugo Schiltz savoureerde Franstalige salons. Als de Duitsers het hier voor het zeggen hebben trommelen we voor de Blauwvoetvendels. Als dan de tricolore terug waait verkrachten we Molière of Camus.
Geen zelfbewustzijn, geen eigen (gefundeerde) mening, geen ruggengraat. Triest.”
 
Dergelijke spitante veroordeling mag dan niet leuk zijn om te lezen (toch niet voor de madammen en hun nazaten), het is daarom niet minder waar.
 
Wanneer een bekend Vlaams politicus, zoals Lenniks’ ere-burgemeester Willy De Waele, lid van Open VLD,  een duidelijk weerwoord schrijft na de ongepaste (haat)uitspraak van MR-voorzitter Charles Michel, wordt zijn reactie niet eens vermeld, laat staan in extenso gepubliceerd. Ook dat zou in de Franstalige media helemaal anders zijn.
 
Het hiervoor geschetste probleem zit heel diep verankerd in de Vlamingen. Niet alleen onder journalisten en politici, maar ook bij gewone mensen. Ze zijn zo lief meneer dat ze zich laten uitschelden en er zelfs nog een schuldgevoel aan over houden. Opnieuw, dit  is een houding die totaal ondenkbaar is voor de Franstaligen.
 
Wie beweert dat er in België alleen maar Belgen rondlopen en wij veel gemeen hebben met onze zuiderburen, negeert het grootste verschil dat er maar kan zijn tussen twee gemeenschappen: een totaal verschillende mentaliteit. Jammer dat de Vlamingen geen  zwarte huidskleur hebben en alleen de Franstaligen ‘blanken’ zijn, anders kreeg België wegens racisme en uitbuiting van tweederangsburgers gegarandeerd de hele internationale gemeenschap over zich heen.   

 

Op eieren lopen

 

Het wordt op eieren lopen voor de journalisten. Elke politieke partij zal in de aanloop naar de verkiezingen met argusogen toezien op een objectieve berichtgeving. Dat wil zeggen dat elke negatieve berichtgeving over de eigen partij fout is.
 
Thomas Leysen, voorzitter van de Raad van Bestuur van Corelio, uitgever van onder meer De Standaard, had daar ooit een weinig intelligente reactie op. Vermits hij vanuit alle partijen wel eens kritiek kreeg, zo vertelde hij, betekende dat volgens hem dat de krant goed bezig was. Voor zoveel intelligentie doet een gewone man toch zijn pet af.
 
Tom Naegels, ombudsman van DS, neemt zijn functie zeer ter harte. Wie hem een vraag stelt krijgt altijd een antwoord. Zo was er een lezer die vond dat Bart Brinckman niet altijd objectief is als het over N-VA gaat.
 
Voor het gemak eerst de reactie van de ombudsman: “Het artikel waar u op doelt, is een politieke analyse, in dit geval van de strategie die CD&V wil volgen in de aanloop naar de verkiezingen. Zelf ervaar ik ze niet als gekleurd, of zelfs maar opiniërend.”
 
Even terug naar het bewuste artikel. In de aanhef lezen we het volgende: “CD&V moet knokken om te voorkomen dat de N-VA haar op 25 mei wegblaast. Maar als de Vlaams-nationalisten er niet in slagen om op tijd het confederalisme af te zweren, ziet het gevecht bergop voor de christendemocraten er volgens Bart Brinckman niet zo beroerd uit”.
 
Hoe leest u het artikel in de rubriek ‘opinie’ anders dan een opinie wanneer de aanhef duidelijk maakt dat het niet CD&V is maar Bart Brinckman die tot deze conclusie komt?
 
Het is ook zijn mening ‘dat N-VA zijn confederalisme moet afzweren’. Dat zouden sommige journalisten en zelfs politicologen blijkbaar heel graag hebben. Goed wetend dat N-VA onmogelijk het verschil kan maken met alleen maar socio-economische voorstellen. Het zou zelfs hoogmoedig zijn van N-VA om te denken dat ze in dat domein (nu al) kunnen optornen tegen de enorme ervaring van de traditionele partijen en hun machtige zuilen. De originaliteit van N-VA is en blijft haar voorstel tot structurele omvorming van de politieke besluitvorming. Komaf maken met de particratie, het duurbetaalde compromis en de spilzucht van de federale overheid. Overheidstewerkstelling in plaats van een innoverend industrieel beleid. Precies daar is het 'model Di Rupo' het meest kwetsbaar.        
 
Verder in de tekst gebruikt Brinckman een opmerkelijk woord, ‘helaas’: “In de grote Antwerpse kieskring wordt de definitieve uitslag beslecht. Helaas, bij de jongste provincieraadsverkiezingen (2012) haalden de christendemocraten niet eens de helft van het N-VA-resultaat. De stad Antwerpen blijft een schrijnend christendemocratisch wasteland”.
Wat voor de enen ‘helaas’ is, zal voor de anderen ‘gelukkig’ heten. Het is maar door welke bril men naar de realiteit bekijkt.
 
Niet zo lang geleden verklaarde Naegels dat de online media diepgravende journalistiek konden brengen omdat ze niet zo breed moeten gaan als de kranten. Maar hij vond wel dat ze dikwijls schreven vanuit een gekleurde invalshoek. Hiermee suggererend dat dit in DS niet het geval is. Vervelend toch, dat ondanks die objectieve journalistiek de geloofwaardigheid van de kranten op een dieptepunt zit.

 

Arrogante Franstaligen

 

Sint-Genesius-Rode heeft een probleem. Vanaf 1 april moet de verantwoordelijke of een plaatsvervanger van het kinderdagverblijf Nederlands kennen. En in 2017 moet er minstens één medewerker eveneens Nederlands kennen. De bevoegde schepen Sophie Stone-Wilmès vindt dat niet kunnen. 
 
Waals-nationalisme klinkt soms heel arrogant: ‘N-VA heeft aan Franstalige krant geen partner’, dixit Charles Michel, MR. Is er een beter pleidooi voor confederalisme?

 

 

Citaten

 

Guy Tegenbos in zijn commentaar (DS 28/01) Over het groot aantal allochtonen: Wat kan je van de federale overheid verwachten? Dat ze stopt met de stommiteiten die ze jarenlang beging: niets doen, en toelaten wie ze niet weg kreeg. Ze moet een actief migratiebeleid voeren, maar wellicht moet dat komen van de deelstaten, die vooral de integratie-instrumenten moeten aanleveren. Het zijn de lokale krachten die ‘het moeten doen’. De samenleving opbouwen, doe je dáár. Nog te weinig gemeenten zijn daar al echt mee bezig.
 
Fiscaal expert Michel Maus (in Knack) over de voorstellen om de belastingdruk te verminderen: Indien de politieke partijen deze personenbelasting nu willen verlagen door in te spelen op de fiscale druk op arbeid, dan zal dit in de eerste plaats leiden tot een lagere federale personenbelasting. (…) Maar een lagere federale personenbelasting betekent ook een lagere grondslag voor de toepassing van de aanvullende belasting van de gewesten en de gemeenten op deze personenbelasting.
Met andere woorden: indien de gewesten en de gemeenten evenveel inkomsten willen behouden, dan zullen zij geen andere keus hebben dan hogere aanvullende belastingen te gaan heffen op de federale personenbelasting. Dit zal voor een perverse hefboom zorgen waardoor de verlaging van de federale personenbelasting regionaal en lokaal wordt gecorrigeerd en eigenlijk wordt teniet gedaan. Indien men rekening houdt met de federale compensatie richting consumptie en ecologie zal dat allicht zelfs leiden tot een hogere globale belastingdruk. De fameuze fiscale autonomie als gevolg van de staatshervorming zal hier dus verlammend werken, en dat pervers effect is duidelijk niet doorgedrongen bij de politieke architecten van de staatshervorming. Ik ben razend benieuwd hoe men dit probleem gaat omzeilen. En vergeet niet beste politici: hope is not a strategy.

 

Pjotr

 

24 januari 2014

De Belgische paringsdans en Vlaamse verdeeldheid

 

MEDIA EN POLITIEK - ANDERS GELEZEN

 

De Belgische paringsdans

 

Op zaterdag mochten we de paringsdans bewonderen die CD&V-voorzitter Wouter Beke en PR-voorzitter Charles Michel opvoerden in DS (18/01). In zijn commentaar bestempelt Karel Verhoeven deze dans terecht als een ‘bijzonder spektakel’. Nieuw dat twee verschillende politieke families over de taalgrens heen zich aan elkaar klinken vooraleer de kiezer gekozen heeft.
 
De reden voor deze premature liefdesverklaring is uiteraard de N-VA-mantra dat een PS regering (waartoe zij momenteel ook behoren) slecht is voor Vlaanderen. Met hun alternatief stellen zij voor om een federale regering te vormen zonder N-VA en PS, want zo beweren ze unisono: ‘N-VA en PS blokkeren enkel onze toekomst’. Nochtans is de argumentatie van beide voorzitters niet gelijklopend.
 
Charles Michel kon het de dag erop in ‘De Zevende Dag’ niet over zijn lippen krijgen om te aanvaarden dat N-VA een gelijklopend liberaal programma heeft. Zijn afwijzing berust enkel op het separatisme waarvan hij N-VA beschuldigt.
 
Voor Michel en álle Waalse partijen is N-VA wel terecht de vijand nummer een. Want alleen N-VA (en VB) wil hun dominant beleid doorbreken. Confederalisme is voor de Franstaligen des duivels, want zo worden de grendels doorbroken. N-VA durft politieke solidariteit eisen zonder bijkomende financiële solidariteit. Terwijl de traditionele partijen het gebrek aan politieke solidariteit afkochten en dat duidelijk willen blijven doen.
 
Wouter Beke zou als voorzitter van een door de zuilen (ACV, CM, …) gedomineerde partij meer problemen moeten met het liberale programma van de MR. Dan zijn er met de socialisten betere zaakjes te doen. De boodschap van Beke kan men dus lezen als een recuperatie van de N-VA-mantra: wij zijn ook tegen de PS.
 
In tegenstelling tot de MR maakt het CD&V electoraat van Kris Peeters, zich heel wat minder zorgen over het communautair programma van N-VA. Integendeel, een nieuw kartel met N-VA zou volgens Stefaan Declerck (en nog anderen) welkom zijn. Maar dat is het andere CD&V dat evenmin sociaal-economisch spoort met de ACW-vleugel.
 
Dit onderscheid inzake motivatie, brengt ons bij het ware doel van deze paringdans: de wederzijdse politiek solidariteit om verder samen de Belgische macht te delen. Alleen is er nog dat akkefietje: de verkiezingen op 25 mei eerstkomend.
 
Zouden Beke en Michel echt denken dat een parlementaire meerderheid kan gevormd worden zonder de N-VA (die waarschijnlijk de grootste partij wordt van België) en zonder de PS? Vanzelfsprekend weten ze wel beter. Maar deze poging tot het ‘verbelgischen’ van de kiesstrijd dient daar niet voor, het moet vooral de aandacht afleiden van het ware probleem, namelijk dat de Vlaamse partijen in Di Rupo I zich door hun deelname afhankelijk hebben gemaakt van de Franstalige steun. Het moet verdoezelen dat na de verkiezingen deze partijen, desnoods versterkt met Groen, absoluut geen probleem zullen hebben om een federale regering te vormen met de PS, maar wel met de N-VA. Alleen Di Rupo zal de PS moeten offeren. Maar ook dat zal geen obstakel zijn voor de nieuwe voorzitter, Paul Magnette.
 
Deze paringdans kreeg zelfs een leuk vervolg tijdens de daaropvolgende zondagse ‘Zevende Dag’. Het interview diende duidelijk om Open VLD te paaien. Ze moeten aan de Melsensstraat 34 heel ongelukkig geweest zijn met deze paringsdans. Daarom ook dat hij tijdens het interview (net zoals Open VLD) verklaarde het nationalisme te haten.  Lenniks’ ere burgemeester Willy De Waele, nog altijd Open VLD’er, doorprikte deze electorale grootspraak in een brief die meteen ook komaf maakt met het Franstalig nationalisme dat heel wat imperialistischer en nefaster is voor de communautaire vrede. Aanbevolen lectuur voor moedige niet-Flaminganten.
 
Beke liet nadien optekenen dat CD&V "nog altijd een federale regering met een meerderheid aan Vlaamse kant wil, maar daarvoor ligt de bal in het kamp van de N-VA."  Hiermee aangevend dat het in elk geval niet de schuld zal zijn van CD&V mochten ze toch in een federale regering met een Vlaamse  minderheid stappen. En eigenlijk heeft hij gelijk, want zelfs met een Vlaamse meerderheid blijft het in het federale België  een geblokkeerde meerderheid die zonder confederalisme blijft afhangen van de welwillendheid van de Franstaligen.

 

Vlaamse verdeeldheid

 

Terwijl er een Belgisch ‘Union fait la Force’ in de maak is, slagen de V-partijen er niet in om zich samen in te zetten voor een zelfstandiger Vlaanderen. We zijn toch zo sterk in het mekaar bekampen alhoewel iedereen weet dat dit nefast is voor het algemeen belang.
 
Dat de huidige zetelverdeling volgens de methode D’Hont nadelig is voor de Vlaamse partijen is bekend. Even terzijde, binnenkort mag u een onderbouwd alternatief voorstel verwachten. Ondertussen is het wel duidelijk dat wie de Belgische grendels wil doorbreken ten minste één keer zal moeten kiezen voor het algemeen Vlaams belang in plaats van het partijbelang.
 
Stel nu even dat LDD en VB enkel zouden opkomen voor de Vlaamse en Europese verkiezingen en ze hun kiezers aanbevelen om voor N-VA te stemmen op de federale kieslijst. Mits een winst voor N-VA kan het resulteren in een Vlaamsgezinde parlementaire meerderheid. Dat blijkt alvast uit de verkiezingsresultaten van 2010. Beseffen de Vlaamsgezinde organisaties wel voldoende hoeveel macht dergelijk resultaat zou opleveren? Maar ook hoeveel Vlaanderen verliest door het gebrek aan eendracht?
 
Waar blijft de steun van de Vlaamsgezinde bewegingen? Oh ja, er is een simpele antwoord: omdat het niet realistisch is. Welnu, precies daardoor blijft elke autonomie eveneens utopisch.
 
Hopelijk zullen de Vlaamsgezinde kiezers in mei 2014 zelf inzien dat ze beter kunnen dan deze verdeeldheid steunen in het stemhokje. Dat zou de uitdaging moeten zijn voor alle Vlaamsgezinde krachten.

 

 

Citaten

 

 

Knack persbericht van het Belgisch (!) artsensyndicaat (genoteerd door Louis Ide N-VA) over Onkelinx die weigert meer geld te geven aan het Vlaamse Rode Kruis voor stamceldonatie : “De financiering door het RIZIV hield tot op vandaag geen rekening met dat ongelijkmatige aanbod, zodat vandaag 100% van de Franstalige getypeerde en geregistreerde kandidaten worden gefinancierd tegenover slechts 21,7% van de Vlaamse kandidaten. De BVAS heeft aan het Verzekeringscomité voorgesteld om in de nieuwe overeenkomst rekening te houden met deze realiteit bij de verdeling van de financiële middelen. De BVAS vraagt om niet opnieuw een verdeling door te voeren op basis van een maximum van 5.000 typeringen en registraties voor de Service Francophone du Sang enerzijds, en van een maximum van 5.000 voor het Vlaamse Rode Kruis anderzijds. Solidariteit kent namelijk geen taal- of andere politieke grenzen”.
 
Onderzoeker Stefan Somers in een Vrije Tribune in Knack (20/01): “Hij spreekt zich uit tegen het confederalisme want slechts de voorpoort voor onafhankelikjkheid en stelt het Zwitsers federalisme als alternatief voor. “En in België kunnen we op communautair vlak twee bestemmingen kiezen: een onafhankelijk Vlaanderen als een soort Denemarken aan de Noordzee of een sterk gedecentraliseerd federaal België als een Zwitserland in de polders”. Anders gelezen, Somers kent blijkbaar onvoldoende het Zwitsers federalisme. Daar beslissen de kantons zelf wat ze federaal willen samen doen en niet het federale niveau zoals in België. Met andere woorden het confederale model zoals vroeger al voorgesteld door CD&V, Open VLD en nu door N-VA verschilt nauwelijks van het Zwitsers federale model. Blijkbaar is hij zonder te weten een partizaan van Bart De Wever.
 
Willy De Waele ere-burgemeester van Lennik in een open brief aan Charles Michel: “Als overtuigd nationalist heeft u er voor gezorgd dat in het gerechtelijk arrondissement Brussel enkel nog Franstalige procureurs en Franstalige arbeidsauditeurs kunnen benoemd worden. Als overtuigd nationalist heeft u er voor gezorgd dat de Franstaligen die in Vlaams-Brabant vrij hun woonplaats kozen, kunnen rekenen op Franstalige rechtsbedeling; dit komt vrij dicht in de buurt van etnisch nationalisme. Als overtuigd nationalist heeft u er voor gezorgd dat het Waalse gewest gedurende 10 jaar aanspraak maakt op een jaarlijkse dotatie van 300 miljoen € bovenop de royale bestaande financiële Vlaamse transfers. Als overtuigd nationalist heeft u er voor gezorgd dat het Brusselse gewest jaarlijks een geïndexeerde en recurrente toelage ten bedrage van 461 miljoen € zal krijgen zonder enig tegenprestatie die naam waardig. Als overtuigd nationalist heeft u er voor gezorgd dat de taal- en kiesvoorrechten van de Franstaligen in Vlaams-Brabant in de Grondwet werden verankerd”. Anders gelezen, het verguisde Vlaams-nationalisme is duidelijk veel vredelievender dan het Waals-Brussels nationalisme. Of wreken ze zich op Vlaanderen wegens de teloorgang van de Francofonie wereldwijd?
 
Pjotr