25 januari 2011

Vervelende duidelijkheid

ANDERS GELEZEN

Respect voor het Nederlands zolang het vaag blijft en niks kost
Er werd nogal wat geschreven over de herziening van de criteria om Belg te worden. Reden was een akkoord in de Kamercommissie om taal en integratiecriteria toe te passen bij het verzoek om Belg te worden. In het vervolg wilde men vragen dat naast de kennis van één van de landstalen de aanvrager ook blijk moet geven van inspanningen om de taal van zijn woonplaats te begrijpen en te spreken en deel te nemen aan het gemeenschapsleven. Dat werd in de Kamercommissie goedgekeurd dank zijn één stem van MR. Zijn er dan toch federale materies waar men het over eens is? Helaas, werd de MR afgevaardigde teruggefloten door de Brusselse Franstalige kliek. Zo blijkt opnieuw dat deze bende weigert om van immigranten te eisen dat ze Nederlands zouden kennen, want Frans, c’est l’évidence même. Nogal doorzichtig want de ware reden is dubbel: dat wij hetzelfde zouden kunnen vragen aan de Franstaligen die in Vlaanderen wonen en nog erger, stel u voor dat al die Afrikaanse immigranten die Frans kennen in Brussel en Wallonië zouden moeten opgevangen worden en niet meer afgeschoven kunnen worden naar Vlaanderen. Zo progressief zijn PS en CHD niet. Het is eens te meer duidelijk: alleen als Vlaanderen betaalt en de Franstalige (Nederlandsonkundigen) immigranten ook welkom zijn in Vlaanderen, zijn de PS en CDH enthousiaste Belgen. Dat N-VA zijn eis afzwakte tot ‘de taal aan het leren zijn’ is een verkeerd signaal dat niet bevorderlijk is voor de integratie.

Opnieuw commotie wanneer de N-VA aankondigt dat ze een wetsvoorstel willen indienen waardoor het medisch personeel in Brussel (dokters en verplegend personeel) verplichtend tweetalig moeten zijn. Groot kabaal vanuit Franstalige hoek, want daar vreest men dat er te weinig Franstalige kandidaten nog een jobke kunnen krijgen. Overigens ontkent PS kamerlid Yvan Mayeur, tevens voorzitter van het Brusselse OCMW dat er taalproblemen zijn in de Brusselse ziekenhuizen. Het is een vals probleem en er is geen enkele klacht ingediend bij de bevoegde organen, schrijft hij. Het zal dan wel de grote uitzondering zijn toen ik op 22 januari van een Belgische ambassadeur volgende mail ontving: “Ik zou je graag , heel graag zelfs, mijn zeer negatieve ervaringen in de kliniek in Brussel meedelen. Kan ik uitstel vragen tot midden februari? Dan heb ik hopelijk een beetje meer tijd.” Gezien de federale diplomaten ook in Belgische kringen geloofwaardig zijn, kijk ik samen met u uit naar zijn wedervaren. Wordt vervolgd.

Al is de leugen nog zo snel, de waarheid achterhaalt haar wel!
Siegfried Bracke heeft boter op het hoofd nu bekend werd dat hij niet alleen socialist was maar ook hand en spandiensten leverde terwijl hij bij de VRT werkte. Zou hij daarbij in het zwart betaald zijn? Onschuldig tot het tegendeel bewezen is. Trouwens, nadat Vandenbroucke het Agustageld verbrandde zouden ze bij de SP.A geen zwart geld meer mogen hebben. Blijft wel de vraag of hij desgevallend een uitzondering zou zijn mocht hij toch wat drinkgeld gekregen hebben? Voortgaande op mijn eigen ervaringen met journalisten en artiesten denk ik het niet. Ooit vroeg ik een artiest en tegelijk zéér slim mens die furore maakt in gans het land, hoeveel een act kostte en ik kreeg prompt twee prijzen, één in ’t zwart en één met factuur. Of wat gezegd van een Bekende Journaliste – wiens behoeften blijkbaar groter zijn dan haar wedde – die van de organisator een enveloppe kreeg terwijl ik erbij stond. Het zal wel een mooi dankuwel kaartje geweest zijn want, honi soit qui mal y pense!
Even herinneren: mijn ‘Anders Gelezen’ van 3 juni 2010 sloot af als volgt: In deze politiek georganiseerde laissez faire, laissez passer horen ook de schnabbels van Bekende Journalisten en opiniemakers thuis die in het sprekerscircuit een aardig centje bijverdienen. Volgens een organisator bedraagt de vraagprijs van een van die bekende columnisten die onlangs overstapte naar de politiek, 700 euro + verplaatsingskosten, voor een causerie. Weliswaar inclusief een volle aflaat. Belastingvrij? Zalig België!

Beste lezers, het is niet nodig om heiliger dan de paus te willen zijn. Maar we moeten wel beseffen dat het moeilijk wordt om anderen met de vinger te wijzen als in feite gans het (Belgisch) systeem zo in mekaar zit. Daarenboven is het wel jammer voor de journalisten en andere bekende Vlamingen die wel gratis hun kennis ter beschikking stellen en zo ken ik er ook!

Pjotr
ANDERS GELEZEN

19 januari 2011

Onder valse vlag

ANDERS GELEZEN

Op de voorpagina van dS (14/01) lezen we ‘N-VA krijgt volle laag’. De lezers mogen er niet naast kijken; dat die onbuigzame N-VA zich de woede van iedereen op de hals haalde - met een nieuw voorstel - zou de goegemeente weten. Bizar want binnenin de krant kon men een genuanceerder boodschap lezen. Misleidende titels passen perfect in de marketeeerbenadering van moderne kranten. Dat dS als kwaliteitskrant lokkende titels gebruikt omwille van de commercie is één punt. Maar dat men uit een waaier van mogelijkheden precies deze tendentieuze boodschap kiest is heel andere koek. Afgaande op de binnenbladzijden had de titel evengoed kunnen zijn: ‘N-VA & CD&V kiezen voor homogene bevoegdheden’. Met de gemaakte keuze manifesteert dS zich als een politieke speler, iemand die mee het spel bepaalt zonder daarover aangesproken te worden. Vroeger kwam het in dS van de ‘kaloten of de tsjeven’; nu zijn het spelers zonder kleur die via ronkende titels hun subtiele boodschappen verspreiden. Zo varen ze ongehinderd onder valse vlag.

Reden voor al deze mediatieke commotie was een zogezegd ‘voorstel’ om meer homogeniteit te betrachten door de tewerkstellingspolitiek volledig ‘in diepte’ te regionaliseren. Het bizarre daarbij is dat volgens berichten in de vorige editie van dS dit voorstel eveneens circuleerde in CD&V kringen en dus niet alleen bij de N-VA. Guy Tegenbos schrijft binnenin, in een apart kadertje, dat er nog géén voorstel bestaat en dat elke publicatie erover (wat dS dus deed) het op voorhand doet mislukken. Heeft dS zich bewust of uit naïviteit laten misbruiken door de vakbonden en de politieke families die tegen elke verandering zijn? Wel steun voor het gecompliceerd maar vertrouwd Belgisch compromis van Vande Lanotte dat géén diepgaande keuzes maakt zodat – en dat is een doelbewuste Franstalige strategie sinds 2007 - er geen effectief gedifferentieerd beleid mogelijk wordt.

Dank zij Rik Van Cauwelaert (Knack online 17/01) weten we dat Vande Lanotte en de SP.A die dat nu niet willen, kort van geheugen zijn. Van Cauwelaert herinnert zich: ‘Want ruim drie jaar geleden, in 2007, kwam de SP.A zwaar onder vuur te liggen omdat Johan Vande Lanotte zelve een regionalisering van het werkgelegenheidsbeleid voorstond. In de nota Alleen wie de toekomst zelf vorm geeft, moet ze niet ondergaan pleitte toenmalig SP.A-voorzitter Vande Lanotte voor een verhuizing van de werkgelegenheids-bevoegdheden ‘in hun geheel’ – dus ook de RVA – naar de gewesten.’
De conclusie is dus eenvoudig: opnieuw loopt SP.A aan het handje van de PS en verloochent zijn eigen stellingen. Dat is niet alleen onverstandig maar zo wordt een compromis nooit mogelijk tenzij Vlaanderen – lees N-VA - een knieval doet. Het is duidelijk dat de SP.A hiermee electorale bedoelingen heeft. Is dat een signaal van goed bestuur?

Al even moeilijk te begrijpen is dat Wouter Beke (CD&V) onmiddellijk panikeert en stelt dat de RVA niet mag gesplitst worden. Nog een bewijs van de verdeeldheid binnen CD&V waarvan de ACW vleugel vreest aan invloed in te boeten en dan maar dreigt om zich te richten tot andere partijen.Pure chantage is dat. Het ACW kan dan ook maar beter de ‘C’ in haar logo laten vallen. Ze zullen van een kale reis terugkeren want nooit zullen ze erin slagen elders zoveel bovenmatige macht te verzamelen als in een verdeelde CD&V.

Is de boodschap – de nood aan een diepgaande hervorming die een eind maakt aan het gebroddel van de voorbije decennia – niet precies de boodschap van N-VA en de Vlaamse vleugel van CD&V? Waarom blijven de ware tegenstanders – de institutionele oerconservatieven en de (Brusselse) francofonie - buiten schot? Het zijn zij die uit puur machtsbehoud de sleutels van elk beleidsdomein in de Zestien en belendende percelen willen houden. Zien de Nederlandstalige media dan niet in dat ze steun verlenen aan diegenen die weigeren om tot een maatschappelijk gedragen oplossing te komen? Dat zoals ze zelf schrijven, België niet alleen een tweelandenstaat is, maar elk deelland ook recht heeft op zijn eigen maatschappelijke visie.

Is deze misleiding door dS toeval of een keuze tégen het programma van N-VA, in navolging van hun voorzitter Thomas Leysen die dit reeds publiek deed in zijn krant? Ik hoop van niet, maar tegelijk zal het voor de attente lezer wel duidelijk zijn dat de krant wel degelijk positie kiest en vooral de N-VA als verantwoordelijke ziet, terwijl de onbuigzame Franstaligen, PS op kop, nauwelijks geviseerd worden. Dat ze breed uitpakken met uitspraken van Karel De Gucht en andere voorstanders van het zoveelste compromis, past perfect in deze strategie. Daarom dat het nochtans veel belangrijker standpunt van Alexander De Croo slechts heel onopvallend gepubliceerd werd. Wat een verschil met de Franstalige media die resoluut kant kiezen. Is dat redelijk? Leidt hun énig aanbod tot nogtoe – de nota van Di Rupo - tot beter bestuur?

Het wordt tijd dat onder meer dS duidelijkheid verschaft. Dat men inziet dat men niet kan blijven wedden op twee paarden – waarvan één lijkt op een koe. Nu bieden de redacties door hun vaagheid gedoogsteun aan een Vlaamse minoriteit (zo’n 20 %) en moet de vraag gesteld worden of de Nederlandstalige media de democratie steunen als ze zélf geen respect opbrengen voor de verkiezingsresultaten? Hierbij stelt zich nog een andere vraag omtrent de legitimiteit van het Vlaams beleid: is het niet legitiem dat Vlaanderen een beleid voert waarvoor er een maatschappelijk draagvlak is, zelfs als er voor dat beleid géén Franstalig (federaal) draagvlak is? De angst van de vakbonden en de linkse partijen dat er dan een rechtser beleid zou kunnen komen in Vlaanderen – wat ze enkel aan zichzelf zouden te wijten hebben - resulteert in een ondemocratisch systeem of net het tégengestelde van wat Vande Lanotte zei. Zijn compromis is geen prijs die wij moeten betalen voor het behoud van de democratie maar een prijs voor de negatie ervan.

Dan is er nog het Belgische establishment dat al evenzeer met woorden pleit voor een grondige staatshervorming maar ten allen prijze de sleutels van de macht federaal wil houden. Dat de machtige CEO’s van de grootste bedrijven graag leven in dit België waar ze geen belastingen moeten betalen (dixit Rik Van Cauwelaert) kan ik wel geloven. Maar of ze dan ook nog recht van spreken hebben in een maatschappelijk debat waar ze alleen maar van profiteren ? Men verwijst terecht naar het belang van het federale niveau (denk maar aan de pensioenen) in de hoop dat de mensen niet op ander gedachten zouden komen, namelijk dat het federale niveau een zeer hoge prijs heeft. Want ook hier gaat men voorbij aan de realiteit en wordt de meerwaarde van België opgediend als een dogma (dat geen bewijs behoeft). Dan volstaat het om enkel de voordelen op te sommen – en die zijn er wel degelijk – maar nooit om een balans te maken van de kosten en de baten. Over de efficiëntie en rechtvaardigheid van dit systeem en de democratische prijs (de grendels) die ervoor betaald wordt door ‘de mensen’ zwijgt men zedig. Dat beste lezers, is het resultaat van een ongelooflijke maatschappelijke neergang waarvoor niet u of ik verantwoordelijk zijn maar de staatsmannen die het land tot op dit punt brachten; in naam van het algemeen welzijn. Hoe durven ze!

Een pareltje van misleidende titel – ofte valse vlag - was te lezen in dS (16/01) waar Philippe Van Parijs (UCL) schrijft: België mag verdampen, 'hoe vlugger, hoe beter'. Wie zijn opiniebijdrage leest, stelt echter vast dat hij opnieuw pleit voor een sterker federaal België waar elk communautair opbod bij decreet in de kiem wordt gesmoord. Zijn methode: de federale kieskring, waar geen enkel woordje uitleg bij staat omdat dit voorstel van de PAVIA groep op maat van de Franstaligen geschreven is. Nu de Vlaamse kiezer zich niet langer laat commanderen door de Franstalige minderheid en hun Vlaamse vazallen moet het kiessysteem worden aangepast. Aan ditzelfde tekort aan democratisch bewustzijn lijden ook enkele CD&V tenoren, opiniemakers en een culturele elite voor wie een geblokkeerd federaal systeem alleen maar voordelen heeft en waar vooral niet verkozenen de dienst uitmaken.

Samengevat: de mensen willen geen zoveelste compromis maar het doorbreken van de onwerkbare taboes. Politici die de moed opbrengen om dat te bereiken verdienen niet alleen electorale steun maar ook deze van de Vlaamse media. Dat is pas een onverantwoord interessante opdracht!

Pjotr

11 januari 2011

Met dank aan calimero Vlaanderen

ANDERS GELEZEN

Woensdag 5 januari 2011. Het voorstel van Johan Vande Lanotte voor een ‘evenwichtige’ staatshervorming wordt afgeschoten door CD&V en N-VA. Nog dezelfde avond lag de nota – die via een koerier werd afgeleverd om lekken te voorkomen – al op de redactietafel van de VRT en mochten (heel toevallig) Caroline Gennez (SP.A) en Groen! zich komen beklagen over die onwillige flaminganten bij CD&V en N-VA. Dat Vande Lanotte het zelfs nodig vond om via een infantiele manier de klokkenluider te kunnen ontmaskeren, bewijst niet alleen het onderlinge wantrouwen maar tegelijk de angst voor transparantie. Hét kenmerk voor de politieke compromissen à la belge. Is er dan een reden waarom het geheim zo belangrijk is? Ja, met name de ware prijs die Vlaanderen moet betalen voor de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde.

We lazen dat de Brusselaars een blanco cheque eisen van 500 miljoen euro om hun (niet onze) stad overeind te houden. Dat wordt een kleine 400 miljoen euro, wat nog altijd zo’n slordige 15 miljard BEF is, élk jaar opnieuw. Maar dat is slechts het topje van ijsberg, want zie de “communauté urbaine”, die reeds in het voorstel van Di Rupo zat, zit er opnieuw in. Ter herinnering: op 1 september 2009 titelde dS 'Brussel telt 81 gemeenten' en stelt in het artikel de Brussels Metropolitan Region voor als een puur economische samenwerkingsverband van de werkgeversorganisaties. Maar terwijl deze Vlaamse elite ons probeerde te overtuigen dat het géén politiek voorstel was, weten ze aan Franstalige kant maar al te goed wat dit project betekent: (uit Le Soir) Un Grand Bruxelles en un viex rêve staat er. Economie-professor Jacques Thisse van de UCL, vind deze droom zelfs zo belangrijk dat hij voorstelt om deze politiek te vergrendelen via een bijzondere meerderheid in het parlement. Als bevoegdheden voor deze nieuwe politieke entiteit stelt hij voor om mobiliteit, leefmilieu, ruimtelijke ordening en zelfs toerisme af te nemen van Vlaanderen en toe te kennen aan deze Grootstedelijke autoriteit, waardoor een groot en economisch het belangrijkste deel van Vlaams Brabant (méér dan 30 gemeenten) afhankelijk wordt van Brusselse en Waalse politici. Wie de nota van Vande Lanotte aanvaardt – zoals SP.A en Groen! - is dus akkoord met deze aanslag op bestaande Vlaamse bevoegdheden? Zouden de kiezers dat mogen weten?
Is het eerlijk dat de Vlamingen de ongrondwettelijke voorrechten van de Franstaligen in de faciliteitengemeenten moeten accepteren terwijl Vande Lanotte Brussel uitverkoopt aan de Franstaligen? In dS (10/01) schrijft de aanstormende sterkhouder van de SP.A, John Crombez, onder de titel ‘Plus est en vous’’ (sic) dat een achterhaalde visie op een België van twee gemeenschappen die samen Brussel besturen, houden de reële Vlaamse sociaaleconomische autonomie tegen. Het is de schuld van de Vlamingen dat het niet vooruit gaat! Geen mooier bewijs van de calimero houding van links Vlaanderen dat liever aan het handje loopt van grote broer PS én het ultieme bewijs dat de Brusselse identiteit enkel dient om de voorrechten van de Franstaligen te versterken. Welke weldenkende Vlaming - ook ter linkerzijde - kan zoiets aanvaarden?

Oh ja, voor wie het nog niet weet Vande Lanotte hevelt de kinderbijslag over naar de gemeenschappen (bravo) behalve in Brussel. Daar gaat het naar de gemeenschappelijke gemeenschapscommissie en worden de Vlamingen zo uitgesloten van de Vlaamse regeling. Volgens Brigitte Grouwels (CD&V) is deze instelling een camouflage voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en wordt Brussel exclusief bevoegd voor persoonsgebonden materies. Dan zijn er nog de versoepeling van de taalwetten en de mogelijkheid om via tweetalige lijsten Vlamingen van dienst om te kopen en het resultaat is duidelijk: de Franstaligen hebben Groot Brussel definitief ingelijfd. Rest nog de liquidatie van die ambetante Brusselse Vlamingen die door deze maatregel de facto Vlaamse Brusselaars geworden zijn. Een truuk die hen in het verleden met de verfransing van Brussel al moeiteloos gelukt is. Dát alles samen en niets minder is de prijs die Vlaanderen moet betalen voor de splitsing van BHV of beter gezegd, voor de toepassing van de grondwet. En dan zijn er nog christendemocraten die vinden dat hun voorzitter, Wouter Beke, te negatief was over die nota?

Pjotr
ANDERS GELEZEN

Beste lezers,
Omwille van moeilijke omstandigheden zal ik in de eerstkomende weken slechs op onregelmatige tijdstippen nieuwe bijdragen kunnen posten op mijn blog. Hetzelfde is ook het geval voor de (gratis) abonnementen die via mail de nieuwsbrief en Anders Gelezen ontvangen.

Pjotr
ANDERS GELEZEN

04 januari 2011

Nieuwjaarsbrief aan …

Deze nieuwjaarsbrief schrijf ik voor de Anders Nieuws lezers en mijn nonkels en tantes, hoogwaardigheidsbekleders en opiniemakers.
Beginnend met het belangrijkste: mijn welgemeende wensen voor een gezond, interessant maar bovenal een vreugdevol jaar. Een jaar met een maatschappelijke oplossing voor de politieke kommer en kwel, met méér degelijke journalistieke bijdragen om naar uit te kijken, te beluisteren of te lezen. Opdat de taal- en cultuurgemeenschappen ongehinderd door institutionele grendels eindelijk kunnen samenleven in wederzijds respect.

Sire,
Red uw Koninkrijk, schaf dit oneerlijk land af !

In uw kerstboodschap roept u op om tot een evenwichtige politieke oplossing te komen. Alles ligt op tafel, doet men u zeggen. Toch jammer Sire, dat u wordt misbruikt voor een politieke uitspraak die géén enkele van uw landgenoten – tot wie u toch sprak – kon begrijpen, want ze worden niet geacht te weten wat er op tafel ligt, laat staan te oordelen. Daarom wil ik zo graag mijn persoonlijke nieuwjaarswensen op tafel leggen, maatschappelijke keuzes in plaats van politieke oplossingen zonder draagvlak. Deze wensen zijn niet nieuw, sommige zelfs al even oud als België, 180 jaar.

Samen met meester Van Aelst en talrijke andere weldenkende Vlamingen zou ik willen dat België een rechtvaardiger land wordt, zonder privileges voor deze of gene gemeenschap. Dat de parlementaire democratie haar eigen bevoegdheden terugkrijgt en voor alles dat er een maatschappelijk project centraal staat en niet de politieke instellingen en de partijmacht.

1. Een rechtvaardig land waar alle culturele voorrechten worden afgeschaft en de taalwetten in Brussel en de Rand geen vodje papier zijn. Een taalgrens die met onmiddellijke ingang de definitieve grens wordt tussen evenwaardige deelstaten, Vlaanderen en Wallonië. Met daarbij een autonoom Duitstalig gewest en een gedeelde hoofdstad, Brussel. Daarvoor dienen alle taalfaciliteiten in de deelstaten afgeschaft en dat hoeft niet lang te duren. Wanneer enkele jaren niet zouden volstaan om Nederlands of Frans te leren, dan is het geen kwestie van onbekwaamheid maar van onwil en dat mag niet langer beloond worden.
Zolang de Franstalige beleidsverantwoordelijken in Brussel er niet in slagen om de taalwetgeving in de praktijk te respecteren, kunnen ze geen aanspraak maken op meer autonomie, want dat zou opnieuw betekenen dat men onwil beloont en de ongelijkheid in stand houdt. Is het geen duidelijk teken van een gebrek aan respect dat men de tweetaligheid er zelfs wil afbouwen? Het initiatief tot tweetaligheid dat Prins Filip reeds lang geleden nam wordt door de selectieve koningsgezinde Franstaligen schaamteloos genegeerd.
Mag ik aannemen dat de Vlamingen geen prijs moeten betalen voor de afschaffing van deze voorrechten? Integendeel, het zou een teken van de Verlichting zijn – of beschaving waar sommigen nogal gemakkelijk naar verwijzen - wanneer alle Belgische hoogwaardigheidsbekleders deze culturele achterstelling publiek zouden verwerpen.

2. Voorts vraag ik om de politieke voorrechten onder vorm van grendels te doorbreken, zodat het parlement opnieuw haar wetgevende bevoegdheid ten volle kan waarmaken. Een rechtvaardig parlementair systeem respecteert zijn meerderheid en deze meerderheid gaat zorgzaam om met de minderheid. Geef de Voorzitter van het Parlement de bevoegdheid om wetten te stemmen én te ondertekenen, samen met u Sire, zodat de scheiding tussen Wetgevende en Uitvoerende Macht wordt hersteld. Tot wat dient een Kamer van Volksvertegenwoordigers als ze onder curatele staat van een regering die de scheiding der Machten niet respecteert; zo nodig regeert bij volmacht of zelfs de grondwet negeert in naam van wie en van wat? Institutionele blokkeringen dienen uitzonderingen te zijn, éénmalig en voor een zeer beperkte tijd, géén eindeloos spelletje waardoor een minderheid alles kan lamleggen. In de tijd dat België nog een unitaire staat was, bestond deze uitzondering zelfs niet.

3. In een democratisch en rechtvaardig land werkt men samen uit vrije wil, vanuit een welbegrepen eigenbelang of nog beter, vanuit een groot samenhorigheidsgevoel dat België helaas nooit gekend heeft. Vandaag blijkt maar al te duidelijk dat dit niet meer kan en dus is het dwingend om de huidige onwerkbare institutionele organisatie aan te passen aan de uiteenlopende maatschappelijke visies en niet omgekeerd. Is het niet vanzelfsprekend dat in een land dat zijn gemeenschappen respecteert, de instellingen worden aangepast aan de verscheidenheid inplaats van de gemeenschappen te dwingen in een keurslijf dat géén van hen past. In wiens belang is dat?

4. Voor wat we nog samen willen en kunnen doen volstaat een zeer beperkte regering en één parlementaire kamer, samengesteld uit verkozen afgevaardigden van de deelstaten en de gewesten. Minder verkiezingen en minder politieke functies zouden de geloofwaardigheid van het politiek bestel bevorderen.

Een democratie die naam waardig heeft géén prijs!

In dS online (04/01) wordt de gelekte nota Vande Lanotte samengevat onder de titel: ‘Dit is de prijs voor een democratie’. Onder voorbehoud van de juistheid van de informatie in dit artikel blijkt alvast dat er in géén enkel van de onderdelen van dit voorstel sprake is van een copernicaanse omwenteling; een duidelijke en homogene overdracht van bevoegdheden laat staan dat het zwaartepunt nu bij de gemeenschappen en gewesten ligt. Het voorstel van Vande Lanotte lijkt vooral op een doorslag van het SP.A en PS programma, met enkele zuinige toegevingen aan de Vlaamse winnaar N-VA en aan de Vlaamsgezinde vleugel van CD&V. Links progressief België is bediend, de duidelijke centrum-rechtse verkiezingsoverwinning aan Vlaamse zijde genegeerd.

Vande Lanotte heeft gelijk als hij bedoelde dat de Vlamingen een prijs moeten betalen voor deze democratie, maar ik daag hem uit om te bewijzen dat ook de Franstaligen betalen voor deze zogenaamde democratie:
- Is het opnemen van verantwoordelijkheid een prijs die zij moeten betalen? Neen toch.
- Zijn bijkomende bevoegdheden voor de gemeenschappen en gewesten een prijs die zij moeten betalen? Neen.
- Komt er een correcter taalbeleid in Brussel? Neen, integendeel de deur blijft open staan voor minder tweetaligheid; de Schaarbeekse loketten van Nols wenken.
- Komt er meer steun voor een integratie van Franstaligen in Vlaanderen? Neen. Integendeel, in de Vlaamse gemeenten met taalfaciliteiten wordt de beslissingsmacht van het Vlaams gewest over de benoeming van burgemeesters uitgehold en over de afschaffing van de taalfaciliteiten, staat er geen woord in het voorstel.
- Komt er een duidelijker scheiding tussen de Wetgevende en Uitvoerende Macht? Neen.
- Zullen er minder politiek grendels zijn waardoor de minderheid aan macht inboet? Neen en dus blijft het gebrek aan democratie overeind.

Wanneer politici blijven denken in termen van ‘hoe kunnen we deze crisis overleven zonder veel partijpolitieke kleerscheuren', dan doet ze maar verder met deze politique politicienne van de vorige eeuw. Het zou wel geloofwaardiger zijn mochten ze meteen toegeven dat met deze hervorming de oneerlijkheid blijft voortbestaan en de communautaire vrede nauwelijks dichterbij komt. Mocht men wel streven naar een rechtvaardige en democratische organisatie die rekening houdt met de maatschappelijke realiteit dan kunnen volgende citaten u hierbij helpen:
“ … In haar ontknoping heeft de winterstaking veel ingrijpender gevolgen gehad op de verhouding tussen Vlaanderen en Wallonië dan op strikt sociaal-economisch vlak. Zoals in de koningskwestie werd opnieuw de stelling geïllustreerd dat Vlaanderen en Wallonië verschilden in mentaliteit, in politieke zeden, in visie op maatschappij, de staat, de economie, de machtsverhoudingen in de wereld van de arbeid. Dit is een redenering, die in de jaren zeventig nog fel aan kracht zal winnen.” (Luc Huyse ‘De gewapende vrede. Politiek in België na 1945’. Uitgegeven in 1980).
De verkiezingsoverwinning in 2010 van een Vlaams-nationale partij, die de grootste partij werd van het land, bevestigt wat de nochtans Belgischgezinde professor Luc Huyse toen reeds dacht en schreef.

Tweede citaat: “Er zijn nog steeds teveel mensen die denken dat het Belgisch probleem een nationaliteitenprobleem is, met ander woorden het probleem van het samenleven van twee volkeren. (…) Indien dit zo was zou het Belgisch probleem inderdaad onoplosbaar zijn. De geschiedenis bewijst dat afdoende. In dat geval zou men er beter aan doen het scheidingsproces wat te bespoedigen om ons de langdurige doodstrijd van de Belgische staat te besparen en om snel over te kunnen stappen naar een confederale staat, zijnde twee autonome staten die voor een aantal gemeenschappelijke materies verbonden zijn door verdragen”. (De groep Coudenberg is een groep bestaande uit zowat 150 Nederlandstalige en Franstalige personaliteiten die het Rapport Coudenberg schreven; “Naar een ander België”, 1987).

Het erkennen van een maatschappelijke realiteit getuigt van staatsmanschap, niet het wegkijken waardoor onrecht blijft bestaan.

Pjotr