22 februari 2010

Over lef en opgedroogde tranen

ANDERS GELEZEN

Wim Devilder! De doden in Buizingen waren nog niet allemaal geteld en zie het nieuwsanker van onze nationale VRT tijdens het journaal van zeven eiste op agressieve en onbetamelijke manier van Inge Vervotte de namen van de verantwoordelijken. Hoe is het mogelijk dat zo’n bloedhondjournalistiek ook maar een kans krijgt op de VRT. Inge Vervotte, ondanks haar woede om zoveel gebrek aan respect en inlevingsvermogen gedroeg zich als een ‘Grande Dame’. Dat bleef ze ook doen in alle volgende uitzendingen terwijl de Canvas vedetten eveneens bloed roken. Foei DE VILDER & Co, chapeau kleine Inge! Nog een bewijs dat kleine mensen groots kunnen zijn.

Het gebeurt zelden dat vier toppolitici het over eenzelfde onderwerp eens zijn, ook al gaat het niet over iets waar België nu nog van wakker ligt, de Amerikaanse atoombommen in Europa. Groot nieuws dus als de ministers van staat Claes, Dehaene, Michel en Verhofstadt samen een opiniestuk onderschrijven waarin gepleit wordt voor een kernvrij Europa (DS 19/02). Met hun boodschap willen ze de oproep van Obama voor een afbouw van de kernwapenarsenaal steunen, zeggen ze. Voor wie een beetje aandacht heeft voor de buitenwereld, is deze voorpaginaboodschap in dS enkel opgewarmde kost. Toch één dissidente stem: Mark Eyskens. Overigens, heeft hij nog gelijk als hij poneert dat de Fransen en Engelsen hun kernwapenarsenaal nooit eenzijdig (wat de vier wel zien zitten) zullen opgeven.

In zijn commentaar schrijft hoofdredacteur Bart Sturtewagen bewonderend dat deze vier elder statesmen lef hebben om hun naam te verbinden aan een beweging die een onaantastbaar geachte redenering wil omkeren. Hun lef zou een stuk geloofwaardiger zijn mochten ze in hun jonge jaren - toen ze nog regeringsverantwoordelijkheid droegen - even moedig geweest waren. Er zijn nogal wat voorbeeld van het tegendeel.

Misschien is de bewondering van Sturtewagen voor hun lef vooral ingegeven doordat De Standaard deze primeur mocht publiceren en het dus wel een beetje opgeklopt mocht worden tot hét nieuws van de dag. Dat DS niet meer belangstelling had voor Vandenbroucke zijn doorwrocht essay over de toekomst van ons sociaal systeem zal dan wel komen omdat De Morgen de primeur kreeg.

In de WE krant van DS (20/02) wordt een interview met Karel Vinck als hét onderwerp van het WE aangekondigd. ‘Huilen doe ik al lang niet meer’. Voorpagina plus drie bladzijden waarvan grosso modo één volledige pagina voor de titel, subtitels en de foto’s, conform de kijkkrant filosofie van Jan Callebaut.

Karel Vinck is een van de succesvolste managers van dit land, schrijven Steven De Foer en Guy Tegenbos, maar de jongste jaren waren niet zijn gelukkigste. Nu wordt hij op het matje geroepen over de veiligheid van de spoorwegen. Maar zijn geweten is zuiver.
Het zou inderdaad te gemakkelijk zijn om nu te zeggen dat we vroeger hadden moeten kiezen voor een veiligheidssysteem, repliceert Vinck.

Toch een pluim voor de journalisten die hem scherpe vragen durven stellen over zijn aandeel in de besluiteloosheid van de regering en NMBS leiding om de veiligheid als absolute prioriteit aan te pakken. En hij geeft toe, Misschien hebben we wat teveel tijd verloren met die beslissingsprocedures … Luxemburg Italië en Spanje deden veel beter en realiseerden ten minste gedeeltelijk een veiligheidssysteem in 1999. Tien jaar geleden en voor de ramp van Pécrot en recentelijk Buizingen. Blijkt dat wij al in de 80-er jaren een systeem hadden kunnen hebben.

Ook de Eternit affaire in Italië waarvoor hij eerst veroordeeld werd maar nadien vrijgesproken, komt heel even ter sprake. Daar zijn de media in de fout gegaan, zegt Vinck. Wie het fijne niet weet zwijgt best, maar één vraag laat mij niet los als het over de Eternit zaak gaat: dat een CEO veel geld verdient, is omdat hij moeilijke beslissingen moet nemen; beslissingen waarvan de gevaren (waaronder de gevaren van asbest die toen toch al publiek aan bod waren gekomen) voor het personeel niet 100 % bewezen zijn maar evenmin onbekend. Ondernemen is verantwoorde risico’s nemen. Heeft de CEO de economische belangen laten voorgaan op de veiligheid?

Nog één zinnetje in het lange interview trof mij: Bij de spoorwegen hebben ingenieurs het voor het zeggen, en die kunnen vaak moeilijk aanvaarden dat iemand een oplossing bedenkt waaraan ze niet meer kunnen frutselen. Het doet mij denken aan de vele ingenieurs die de materieeldiensten van Defensie rijk is en ook zo moeilijk konden aanvaarden dat er materieel gekocht werd zonder dat ze er iets mochten aan verbeteren. Soms lukte het maar meestal was de leverancier de grote winnaar van die kostelijke modificaties.

Pjotr
Anders gelezen verschijnt elke maandag/dinsdag

07 februari 2010

Samenwerkingsfederalisme is een zwaktebod

ANDERS GELEZEN

Toen Yves Leterme met zijn samenwerkingsfederalisme - een mooie tautologie –uitpakte beseften veel commentatoren dat dit een zwaktebod was. Alleen wou men dat niet zo aan de lezers uitleggen. Precies het ontbreken van de samenwerking op federaal niveau – waar de Vlaamse regeringsminderheid zich moet schikken naar de wil van de Franstaligen is de jongste tijd dé grootste zorg. Enkel daarom roept Leterme de gewesten om hulp.

In Knack (5/02) reageert Marianne Thyssen (voorzitter Cd&V) dat een herhaling van hetzelfde begrip geen overbodige luxe is: ‘In de Belgische federatie, waar het tussen de delen niet altijd botert, is dat zeker niet dubbelop. Heel wat botsingen tussen de beleidsniveaus vloeien voort uit de defecten in het systeem en juist daarom is een extra inspanning tot overleg geen overbodige luxe’. Dat de samenwerking op federaal vlak voor geen meter loopt en zowel Justitie als Defensie reeds het slachtoffer werden van de toepassing van de Maddenstrategie door de Franstaligen, lijkt niet haar eerste zorg te zijn. Oh wee echter als Vlaanderen deze strategie zou durven toepassen. Van daar dat samenwerkingsfederalisme slechts een ander woord is voor Vlaamse toegeeflijkheid.

Dat er tussen de gewesten en het federale niveau ‘defecten’ of systeemfouten zitten is heel oud nieuws. Een van die systeemfouten is dat de federale regering beslissingen neemt die een invloed hebben op de gewesten en gemeenschappen zonder rekening te houden met hun wensen en mogelijkheden. Zo vond Yves Leterme dat de federale begroting niet moet goedgekeurd worden door de gewesten (dS 5/02). Bart Brinckman noteerde: 'Arrogant gedrag' voor de een, 'transparantie' voor de ander. De federale regering begrijpt de kortsluiting met de regionale regeringen niet.
Volgens Leterme zijn 'Het stabiliteitsprogramma (de begrotingseisen van de EU) en het samenwerkingsakkoord (met gewesten) geen synoniemen'. Waar hij aan toevoegde, ‘Het indienen van een stabiliteitsprogramma blijft een taak voor de federale regering. De afgelopen twaalf jaar ging het ook zo. Pas daarna komt er ruimte voor onderhandelingen met de gewesten’. Is dat geen systeemfout? In feite komt de stelling van Leterme erop neer dat de gewesten enkel mogen praten over de gevolgen van de federale beslissingen. Meer zelfs, de samenwerking (lees Vlaamse toegeeflijkheid) moet nog steeds volgens Thyssen in Knack, voorkomen dat er ‘belangenconflicten heen en weer vliegen’.

Een ander thema in het vraaggesprek met Thyssen was de mislukte pensioenconferentie (dixit voorzitter Michel Jadot de week voordien in Knack) die slechts zal leiden tot morrelen in de rand. Volgens Thyssen spreekt hij in eigen naam en blijft de CD&V vragende partij voor een ernstige hervorming. Willen we deze uitspraak eens opslaan in ons geheugen en de balans maken in het voorjaar van 2011?

Ondertussen schrijft Guy Tegenbos in dS (05/02) ‘Wat vandaag plaatsheeft – de Staten-Generaal voor de Industrie – is een geseculariseerde versie van een Vlaamse hoogmis.
Deze hoogmis is de zoveelste poging om een requiem te voorkomen. Een requiem voor de industrie in Vlaanderen. Die is door de crisis nog sneller aan het afkalven dan gisteren. De onheilsprofeten hebben gelijk: (een deel van) de klassieke industrie waar Vlaanderen rijk van is geworden, is gedoemd te verdwijnen.
De ruggengraat van onze welvaart wordt gevormd door exporteerbare commerciële producten en diensten. Als we er niet in slagen snel nieuwe innovatieve en ‘groene' industrieën uit te bouwen ter vervanging van de industrieën die aan het sterven zijn, volgt straks een begrafenismis voor onze welvaart’
. Het einde van onze sociale zekerheid.

Misschien moeten de Vlaamse politici even nadenken of ze niet beter het voorbeeld volgen van Wallonië en niet wachten tot in 2012 om resoluut te investeren in Onderzoek & Ontwikkeling en de toekomst in het algemeen. Besparen hierop zorgt voor nog meer werklozen en is de zekerste weg naar welvaartsverlies op lange termijn. In Wallonië heeft men dat duidelijk beter begrepen. De consequentie van hun visie is wel dat het federale deficit vooral de Vlaamse investeringsmogelijkheden beperkt. Het is juist dat het Vlaams geld is en blijft dat in de frigo zit, Maar zolang het niet gebruikt wordt is het onrendabel. Kunnen we ons dat nu nog permitteren?
Kan iemand mij dat uitleggen?

Zou er nog iemand zijn die ernstig denkt dat de federale regering in 2011 (na de verkiezingen) niet zal komen aankloppen bij de Vlaamse regering om meer geld? Zou er iemand zijn die nog twijfelt aan de Vlaamse toegeeflijkheid en dat de stoere woorden van vandaag morgen zullen ingeslikt worden? In ruil voor de splitsing van BHV en wat borrelnootjes?

Pjotr
Anders gelezen verschijnt op maandag/dinsdag

30 januari 2010

Censuur van het onbetamelijke of onbetamelijke censuur?

ANDERS GELEZEN


Woensdag 27 januari zal in de annalen van De Standaard geboekstaafd staan als de dag waarop censuur officieel deel werd van het journalistieke beleid.

In de opinie & analyse rubriek (dS 27/01) schrijft Peter Vandermeersch onder de titel ‘Minder maar beter’, dat dS beslist heeft om de online reacties te censureren onder het motto censuur van het onbetamelijke. Er kwamen meer dan 380 reacties online, allemaal betamelijke, maar daarom nog niet zo positief. Het onbetamelijke censureren? Ja natuurlijk. Waarom moet dat met zoveel bombarie worden aangekondigd? Bladvulling wegens te weinig geschikte kopij voor de opiniebladzijden?

Laten we even op een nuchtere manier deze onbetamelijke censuur anders lezen.

Citaat uit de eerste paragraaf: In de krant en via de site wil de redactie samen met de lezers het debat in Vlaanderen breed stimuleren.
Wie gelooft dat men in de papieren krant het debat wil stimuleren door een brede waaier aan lezersbrieven te publiceren is heel naïef. Tal van voorbeelden tonen aan dat in de papieren krant enkel reacties ‘die passen in de politieke en maatschappelijke visie van dS’ een plaatsje krijgen. Ook een onderbouwde bijdrage waarvan de redactie zelf schrijft ‘Wij waarderen uw stuk en we zullen het publiceren als we er de ruimte voor vinden’ krijgt geen plaats. Is het toeval of zit er een agenda achter? In het boek ‘dS voor de spiegel’ dat in de lente verschijnt staan verschillende voorbeelden die aantonen dat bij voorbeeld een pro Vlaamse argumentatie dikwijls géén plaats krijgt of nog erger, waarvan de boodschap gemanipuleerd wordt.

Geen censuur online? Op 28/01 schreef een lezer : Ik heb gisteren verschillende lezersbrieven gepost als reactie op het editoriaal van Peter Vandermeersch. Mijn teksten gingen erover dat dit (nvdr het gebruik van scheldwoorden) niet alleen voor lezersbrieven moet gelden maar evenzeer voor journalisten van de eigenste Standaard. Ik heb daar 3 voorbeelden van gegeven (zonder namen te vermelden), en desondanks zijn mijn inzendingen geschrapt. Ik ervaar dat als censuur, en wou graag weten wat u ervan denkt.
Reactie van dS redactie (29/01): Het niet publiceren van een bepaalde tekst op onze website, of het verwijderen ervan, heeft niets met censuur te maken. Als u een lezersbrief stuurt naar Newsweek en die wordt niet gepubliceerd, is dat geen censuur, dat is een redactionele beslissing over wat de hoofdredacteur van Newsweek wel en niet in zijn blad wil.
Is er een treffender voorbeeld van censuur mogelijk?

Een mooi staaltje van recuperatie. Citaat: ‘De journalistiek van de 21ste eeuw is lang geen lezing meer waarbij de journalist de waarheid vertelt en de passieve lezer enkel luistert. Het is een dialoog geworden tussen de actieve lezers en de journalist en tussen geëngageerde lezers onderling. Dank aan allen die hier de voorbije maanden constructief aan meewerkten’. Mijnheer Vandermeersch, deze lezers werkten niet mee, maar zijn heel dikwijls ontevreden omdat uw ‘kwaliteits’krant ruimte biedt voor ondermaatse bijdragen, misbruik van academische titels en referenties, gratis ruimte voor commerciële en bepaalde maatschappelijke en politieke boodschappen.

Even terzijde, dat Peter Vandermeersch sterk is in de recuperatie van andermans ideeën en bekommernissen bleek al uit het stukje theater dat dS opvoerde in verband met de toenemende mediakritiek. Toen Geert Buelens in zijn kerstessay kritiek mocht geven kwam zijn reactie reeds de volgende dag: om zijn geloofwaardigheid te demonstreren deed hij er eerst nog een schepje bovenop om vervolgens de échte kritiek te negeren, evenals alle andere kritische stemmen waaronder deze in het doodgezwegen boek ‘Media en journalistiek in Vlaanderen’, waarin 15 (!) verschillende critici een verontrustend beeld schetsen van de media en hoe het er in werkelijkheid aan toegaat, óók in dS.

Citaat: Persoonlijke beledigingen en krachttermen horen niet thuis op de site van De Standaard. Blijkbaar is hij vergeten dat hijzelf nog niet zolang geleden in een reactie aan een lezer toegaf dat een redactiemedewerker scheldwoorden had gebruikt! Selectieve censuur?

Citaat: Om met onze beperkte mankracht een beter zicht te houden op het debat gaan we het aantal artikelen waarop kan worden gereageerd opnieuw beperken. Hier is zelfs geen sprake meer van het weigeren van onfatsoenlijke reacties maar doodgewoon van bijdragen waar géén reactie op mag gegeven worden. Benieuwd hoe men dat gaat invullen. In elk geval een bron van ergernis.

Hij eindigt met nog maar eens een subliem staaltje van recuperatie: ‘Betekent dit alles dat we het debat willen smoren? Neen. Dat de lezers niet kunnen ingaan tegen standpunten of visies van onze redactie? Geenszins. Dat de reacties niet polemiserend mogen, zijn? Vanzelfsprekend niet! We willen net het debat stimuleren, expliciteren en goed in onze journalistiek integreren. We nodigen u dan ook graag uit hieraan mee te werken’.
Goed integreren zal dan wel betekenen dat de ingezonden bijdragen ‘onze’ journalistiek niet onderuit haalt met degelijke tegenargumenten. Nogal vervelend en dikwijls niet zo moeilijk.

Een onoplettende lezer kan bij zo’n positieve afsluiter alleen maar in de wolken zijn: hij en zij mogen meewerken aan het succes van een kwaliteitskrant. Halleluja! In werkelijkheid is dit een onbeschaamd stukje retoriek door de hoofdredacteur van een krant die zichzelf verkoopt als ‘onverantwoord interessant’. Maar dan wel met de nadruk op onverantwoord.

Mijnheer Vandermeersch,

Volgens Wikipedia is Valsheid in geschrifte een strafbaar feit, waarvan sprake is wanneer de valsheid gepaard gaat met bedrieglijke inzichten en betrekking heeft op welbepaalde documenten die volgens de wet een zekere geloofwaardigheid genieten'.

U heeft geluk dat dS geen document is met een zekere geloofwaardigheid.

Pjotr
Anders gelezen verschijnt op maandag/dinsdag

26 januari 2010

Vlaamse calimero’s en de Waalse Bart Maddens strategie

ANDERS GELEZEN

Onder de titel ‘Bye Bye BHV’ (dS 19/01) schrijft Alain Gerlache, journalist bij RTBF, in zijn column dat BHV moet gesplitst worden. Welke prijs Vlaanderen moet betalen komen we niet te weten. Wel schrijft hij : Vlamingen zouden dan eindelijk komaf moeten maken met het verleden en toegeven dat de Walen en de Brusselaars van 2010 niet schuldig zijn aan de poging van de regerende klasse van de 19de eeuw om van België een eentalig Franstalig land te maken.
Beste meneer, de Vlamingen liggen helemaal niet wakker van wat hun verre voorouders werd aangedaan om de simpele reden dat de grote meerderheid dat niet weet. De geschiedenislessen zwegen hierover zedig, net zoals ze zwegen over de koloniale mensonterende praktijken in Congo. Terzijde, zou Karel De Gucht een pint drinken met Leopold II mocht hij nog leven?

Waar Vlamingen wel terecht moeite mee hebben is wat Didier Reynders in 2006 schreef: « S'il y a une patrie à donner aux francophones, s'il y a une patrie à leur faire aimer, c'est une patrie francophone, une Belgique francophone». Blijkbaar is het verleden nog niet zo lang geleden.

De splitsing van BHV betekent respect voor de grondwet. Maar het staat vooral symbool voor het gebrek aan respect ten aanzien van de Vlaamse taal en cultuur. Daarom denk ik dat het een totaal verkeerd signaal zou zijn indien de Vlamingen daarvoor een prijs betalen. Alleen wie lijdt aan het calimerocomplex is bereid zichzelf te vernederen en te betalen voor enige affectie of respect. Het zou goed zijn mochten de Franstaligen hieraan denken tijdens hun gesprekken vooraleer de namen bekend worden van de ware Vlaamse calimero’s.

In zijn opmerkelijke column verklaart Gerlache eveneens: 'De eerste slachtoffers van de revanchistische doctrine die Wallonië wil laten knielen, zijn juist de zwaksten in onze samenleving. Blijkbaar is de academicus die deze doctrine zijn naam gaf de etymologie van het woord 'universiteit' vergeten'. Deze academicus, wiens naam niet vermeld wordt, maar iedereen kent, is de gebeten hond in Wallonië, hoewel zij die zijn boek lazen weten dat de uitspraak van Gerlache getuigt van intellectuele oneerlijkheid. Wat we wél weten is dat zijn vermaledijde strategie succes heeft in Wallonië.

Deze verrottingsstrategie – zo noemt men de Maddens strategie ten onrechte – gebruiken de Franstalige politici reeds twee jaar en recentelijk opnieuw toen het federale samenwerkingsfederalisme van premier Leterme hen niet goed uitkwam.

De hervorming van Justitie werd door de PS dermate verminkt dat zelfs Bryce De Ruyver, eminent criminoloog (UGent) schreef in dS, citaat: ‘De hervorming van justitie is een onwerkbaar gedrocht’. En Stefaan Declerck, samen met Yves Leterme, zij knielden.

Pieter De Crem, defensie minister die samen met de chef defensie een coherent en uitge-balanceerd sluitingsplan voor overtollige kazernes wou doorvoeren werd teruggefloten door de MR en PS. Het was aanpassen of niets. Net zoals ze de aanduiding van de chef defensie voordien reeds twee jaar lang blokkeerden tot ze hun zin kregen. Dat hiermee de communautaire virus Defensie binnensloop en oude demonen uit het verleden wakker maakte lijkt hen niet te deren. En Pieter De Crem, samen met Yves Leterme, zij knielden.

Beste Bart Maddens, ik vrees dat u de verkeerde – politici mét ballen - op slechte gedachten bracht.

Pjotr